De mooie aarde

De bayou. Ik had ooit wel eens van die term gehoord. Iets met moeras. Nu rijd ik er elke dag rond, de waterwegen in het diepe zuiden van de delta van Louisiana.

Hier wonen de vissers van garnalen, crab en oesters wonen. Hier liggen de gators op de loer in het water of de modder onder de huizen. De meeste huizen staan op palen, hoe verder richting de zee hoe hoger.

De wolkenschakeringen zijn er waanzinnig. Het licht is het mooist in de ochtend en avond als de wolkentorens een oranjeroze rand krijgen met goudgele glans. Het is net of de ruimte hier groter is boven de uitgestrekte wetlands, de hemel hoger en het licht intenser.

Huizen op lange benen

Vandaag zijn we helemaal langs de bajou van Chauvin naar beneden gereden. Hoe verder we kwamen hoe smaller de weg. Aan de ene kant een waterweg, aan de andere een uitgestrekte watervlakte begrensd door gras. Op de smalle strook land stonden huizen op hoge benen om uit het water te blijven dat hier vast met enige regelmaat over het land stroomt. De county hier heet Terrebelle (‘Tearbell’ zoals ze hier zeggen), de mooie aarde. De Fransen hadden dat goed gezien. Het is hier echt adembenemend.

Alles stuk

Maar alles is stuk. Trailers zijn compleet van hun hoge benen geblazen en liggen aan de overkant van de bayou. Boten rusten omgekeerd op de dijk. Overal aluminium platen die van de daken zijn gewaaid, hout, meubilair, auto’s weggezakt in de modder. Een slagveld. Het gaat jaren duren om er weer bovenop te komen als het land niet voor die tijd voorgoed onder water is verdwenen…

De orkaan Ida en de Bronx: stront aan de muur en schimmige verzekeringspolissen

De vrouw roept: ‘Hallelujah’ terwijl ze haar handen naar de hemel heft. Haar ogen staan vol tranen. De mijne schieten ook vol. “God saved me! Like he saved Moses at the Red Sea 400 years ago. Don’t believe the people who tell you he doesn’t help us. Everything is gonna be fine.” De Bijbelse datering leek me niet helemaal juist, maar voor Amerika is elke geschiedenis vóór 1776 tenslotte heel oud. Het raakte me dat iemand die zo getroffen is door de storm Ida zo positief kon blijven. Haar hele appartement in de kelder stroomde in no time vol met water. Ze kon zich ter nauwer nood in veiligheid brengen door de trap op te lopen en de deur open te maken naar het huis van haar ‘land lady’. En toch. ‘She told me it was locked, but God opened it. Hallelujah!’ Wat een jaloersmakend vertrouwen.

Naar New York City

Veertien dagen lang werkte ik als vrijwilliger voor het Amerikaanse Rode Kruis in de regio van New York City. Aanvankelijk had ik gehoopt naar Louisiana te gaan om te helpen bij de schade van de orkaan Ida daar. Maar aangezien Washington DC dichtbij New York lag en de nood als gevolg van de orkaan daar ook heel hoog was, ging ik op een dinsdagmorgen met de trein naar Manhattan. Geen straf…

Aanvankelijk zou ik er ‘case work’ doen: het registreren van de gegevens van de getroffen families en een inschatting maken van de hulp die nodig is, vooral ook financieel. Ik had de benodigde cursus net in de dagen ervoor gedaan, dus echt ervaren was ik nog niet. Op verschillende plaatsen in de regio werkte het Amerikaanse Rode Kruis samen verschillende organisaties in het geven van hulp aan de slachtoffers.

En zo zat ik de eerste dagen in Mamaroneck, een vredig plaatsje aan de baai, met een rotsige kust en zeilboten, een half uur rijden ten noorden van Manhattan. Hier waren met name Latijns Amerikaanse gezinnen en bedrijfjes getroffen door het snel stijgende water dat hun woningen in de kelders binnendrong. Ik sprak mannen, die nauwelijks Engels machtig waren. Zij hadden schimmige afspraken over onderhuur in kelders zonder ramen. Soms konden ze niet eens bewijzen wie ze waren, wat nodig is om financiële ondersteuning te kunnen ontvangen. Hun gezinnen waren tijdelijk ondergebracht door het Rode Kruis in opvanglokaties, maar ze waren wanhopig op zoek naar een duurzame oplossing voor hun families. Soms moest ik toch gewoon ‘nee’ verkopen. Dat vond ik het meest lastige aan deze taak. Juist als je ziet dat de nood het hoogst is, niets te kunnen doen. Je moet wel een dikke huid kweken hier.

The Bronx

Maar de stroom aan bezoekers van het ‘disaster relief center’ werd langzaamaan minder. Daarom werd ik overgeplaatst naar de Bronx om daar schade op te nemen als gevolg van de overstromingen door de enorme regenval. De Bronx, dat was voor mij de buurt waar ik altijd van had gehoord dat je daar ècht niet moest komen als toerist. Levensgevaarlijk zou het daar zijn. Nu werd ik met een auto en een collega die wijk in gestuurd.

De Bronx bleek vele gezichten te hebben. Ik at gestoomde calamari op City Island met uitzicht op de baai, dronk een espresso doppio in Little Italy. Maar verdwaalde ook tussen slecht onderhouden appartementencomplexen en in nauwe straatjes vol vuilnis. Het is een diversiteit aan huizen en mensen. Een ding gold voor de hele Bronx: de ‘borough’ was ‘zwart’. De ‘witte’ mensen die ik zag in de vier dagen die ik er doorheen reed waren letterlijk op twee handen te tellen. Maar ik heb me nooit onveilig gevoeld.

Afvoerputje van de samenleving

Ja, er waren plekken met zichtbare armoede, met vuil op straat, lekkende brandweerkranen, graffiti, blowende jongeren. Waar in kelders zonder ramen een jonge moeder met twee kinderen woonde. Waar een ouder stel op 35m2 leefde, waar ze ook nog eens de schandalige huur van 2000 dollar voor moesten betalen. Waar de stront die vanuit de riolering de druk van het water omhoog was gespoten en tegen de deuren zat geplakt. Mensen die in een auto woonden omdat ze niet meer terug konden naar het huis. De gemene deler was dat ze allemaal in de kelder woonden. Het afvoerputje van de samenleving.

Maar er waren ook wijken die er beter uitzagen. Met auto’s voor het huis, een balkon om op te zitten èn sociale controle. Waar de arbeidsklasse woonde, zoals een bewoner mij vertelde. Rampen hebben ook daar consequenties, maar de financiële weerbaarheid is groter

Het viel me op – als coffee addict – dat nergens een Starbucks te bekennen was. De koffieketen kom je in Manhattan op elke straathoek tegen. In plaats daarvan ontelbare ‘deli’s’, buurtsupermarktjes, die tegen lage prijzen voorzien in de dagelijkse boodschappen. Elke uithangbord uniek. Hier is geen geld te verdienen voor de grote bedrijven.

Bij mijn vorige uitzending had ik al gehoord over de schimmige praktijken van de verzekeraars in Amerika. Ook nu weer bleek hoe zij onder hun verantwoordelijkheid uit probeerden te komen. Een overstroming die van buiten naar binnen komt? Daar blijk je dus niet tegen verzekerd te zijn, vertelde een onthutste oudere vrouw die al 45 jaar premie had betaald. Een andere black-american vrouw vertelde dat de maatschappij een aantal jaar geleden ineens de verzekering tegen overstroming eraf had gehaald, zonder verlaging van de premie. Blijkbaar had het bedrijf vernomen dat er problemen waren in de wijk met afwatering, iets waarvoor de bewoners al te vergeefs op velerlei deuren hadden geklopt. Dat was geen toeval. ‘Nu wil de FEMA, de Amerikaanse overheidsorganisatie voor noodhulp, dat we een lening afsluiten, maar ik heb daar gewoon het geld niet meer voor’.

Huiseigenaren die de kelders in verhuur deden zagen soms ook hun kans schoon. Ik sprak meerdere mensen die na terugkomst bij hun appartement ontdekten dat er nieuwe sloten op de deur zaten. Welkom in de city-jungle.

Queens

Hoe anders was het Queens waar ik de laatste dag doorheen reed. Aangeharkte tuinen, mooie parken. Veel Chinese families, waar ik met handen en voeten – want ik spreek geen Mandarijns – duidelijk maakte wat ik kwam doen. Hier speelden kinderen op straat onder de schaduwrijke bomen. Vermoedelijk heeft Queens ook andere kanten, maar het contrast met de Bronx was voor mij groot.

Opnieuw merkte ik wat een fantastisch werk het Rode Kruis doet. Dicht bij de nood van mensen. Zonder aanziens des persoons. Op het moment dat mensen het meest kwetsbaar zijn. Wat is het ongelooflijk bevredigend om daaraan bij te mogen dragen. En stiekem ook: wat een unieke kans om het echte Amerika te leren kennen. Het Andere Amerika in optima forma.

Thelma vond haar Louise: road trippin door de Mid West

Voor de Wereldwijven schreef ik een stukje over mijn road trip. Klik op de link!

Over ‘cicada pee’ en nog zo wat…

Het is die heerlijke tijd van het jaar hier. De temperaturen zijn ronduit zomers te noemen. De muggen zijn nog niet massaal ontwaakt. De nachten zijn koel en de vochtigheid die hier in de zomer zo kenmerkend is, is er nog niet. Dus zit ik heerlijk op onze veranda in de schaduw deze column te tikken.

Maar dit jaar is toch anders dan anders. Want terwijl ik een slok van mijn ijskoffie neemt, komt er een cicada voorbijvliegen. Net bij het uitlaten van de hond had ik meerdere bijna-botsingen met deze insecten. Regelmatig zag ik ze op straat op hun rug liggen, terwijl ze zich wanhopig probeerden om te draaien. Deze insecten die een keer per 17 jaar boven de grond komen staan niet bekend om hun vliegkunsten. Het is de bedoeling dat ze hoog in de boom terecht komen, maar het is dus een struggle of the fittest. Daarom zijn er ook zoveel. 

Een paar weken geleden vormden alleen een paar gaten in de grond het bewijs voor de komst van deze insecten. Nu zijn het de platgetrapte cicada’s en hun omhulsels die ze achterlaten als ze uit de grond zijn gekropen rond de wortels van en op de bomen die duidelijk maken dat er een invasie aan de gang is. Bij thuiskomst moet je je schoenzolen schoonmaken om te voorkomen dat ze op de keukenvloer of erger in het kleed vastplakken. Het hek in onze achtertuin ziet inmiddels zwart van de achtergelaten schilden en ’s avonds beweegt het gras door de kruipende beestjes. De Washington Post schreef een artikel over de cicada pee (de plas van de cicada) en adviseerde om een hoed te dragen als je onder bomen door loopt.

Sinds een paar dagen is er ook een constante zoem te horen die uit de bomen komt. Dat zijn de gelukkigen onder de cicada’s die de top van de bomen wel gehaald hebben. Het wachten voor hen is nu op de vrouwtjes. Het is echt een race to the top.

Op mijn telefoon heb ik een speciale app geïnstalleerd: cicada safari. Daar plaatsen buurtbewoners foto’s met de locatie van deze beestjes. En zo zie ik die kaart van onze wijk steeds roder worden met markeringen van deze vindplaatsen.

Dit weekend sprak ik iemand die het 17 jaar geleden meemaakte. Ze zei dat het nog veel erger wordt. Het constante geluid, het onhandige vliegen, de vele dode insecten. Dus ik geniet nu nog maar even op de veranda van dit voorspel zolang het gaat. Naar binnen gaan kan altijd nog…

Na 17 jaar zijn ze hier en ze zijn gekmakend

Ze zijn er! Op Facebook plaatst een vriendin een foto van een soort kakkerlak-achtige wezens. Ze hangen onder bladeren van haar planten en klimmen tegen de witte muur op. De cicadas zijn gearriveerd! Of te wel de cicadas brood x.

Het is een raar fenomeen. Al weken wordt voor hun komst gevreesd. Eenmaal in de 17 jaar kruipen deze krekels boven de grond. Dit jaar is onze staat aan de beurt. Zeventien jaar zaten deze aliens in het donker in de aarde om de komende vier weken boven de grond te komen en na een paring te sterven.

Ons is verteld dat de trottoirs en wegen die weken vol liggen met de krekels, die onder je voeten kraken als je erover heen loopt. De honden en poezen eten zich misselijk aan de karkassen. Ook slangen schijnen dol op te zijn: op de buurtapp waarschuwt men ’s avonds in het donker niet zonder licht de hond uit te laten. Brrr…

En dan het kabaal. Normaal vormt het geluid van de krekels in de maanden mei en juni als de ramen nog op een kier kunnen een fijne voorbode van de zomer. Nu waarschuwen de ervaren buren dat de constante lokroep gekmakend is. Het wordt vergeleken met het voortdurend overvliegen van vliegtuigen.

Dus treft mijn vriendenkring maatregelen. Hoeden met een insectennet er omheen zijn besteld en geluiddempende koptelefoons tegen het constant geluid worden ingeslagen. Niemand haalt het voorlopig meer in z’n hoofd een borrel of lunch in de openlucht te organiseren.

De kranten brengen vooruitlopend op de invasie recepten met als hoofdingrediënt de cicada. Gegrild, gekookt; ze schijnen veel proteïne te bevatten. Ik moet er niet aan denken.

Na het zien van de foto’s heb ik mijn tuin geïnspecteerd. De gaten in de grond zijn zichtbaar, maar nog geen plakkerige krekels op de bomen. Voorlopig zijn we nog even gespaard, maar ik vrees dat ook wij er niet aan gaan ontkomen. Misschien moet ik alvast dat insectennet bestellen voor het is uitverkocht…

Euforisch tot de volgende ochtend

Al weken wachtte ik op een uitnodiging voor een inenting. Ondertussen zag ik hoe anderen die zich later hadden geregistreerd wel een prik konden halen. Ik uitte mijn frustratie bij mijn vriendinnen. Toen wees iemand me op de Facebookpagina Maryland Vaccine Hunters (Maryland vaccin jagers). Op deze pagina kun je bijna per uur zien waar op dat moment afspraken te maken zijn. Ik zette mijn wekker op half zeven en met mijn laptop op schoot had ik in no-time een afspraak. Drie kwartier rijden, midden in een supermarkt, maar: who cares?

Twee dagen later zag ik een ander berichtje. Bij een massa vaccinatiesite kon je zonder afspraak langsgaan. En dan nog wel voor het Janssen-vaccin, gemaakt in Leiden. Een shot en ik zou klaar zijn! Ik besloot het erop te wagen en zo reed ik met een vriendin op maandagochtend ruim een uur naar de plek.

Het was met militaire precisie geregeld. Onder een bordje WALK-INs door liepen we naar de rij waar maar 18 mensen voor ons stonden te wachten onder toeziend oog van militairen. Flesjes water voor het grijpen. Zo’n vijf minuten later al stonden we binnen terwijl een militair ons bezighield (where are you from?). Twee minuten later werd ik geregistreerd en vijf minuten later zat ik op een stoel te wachten met het bewijs van de prik op mijn schoot en een briefje dat ik 15 minuten later weer weg mocht.

Ondertussen liepen er vrijwilligers langs die vroegen hoe ik me voelde. Euforisch! Dat ik dit Nederlandse vaccin had bemachtigd en eindelijk beschermd zou zijn tegen dat vreselijke virus. Wat een opluchting.

Na een wat koortsige nacht werd ik de volgende ochtend wakker en het eerste wat ik zag was dat de VS stopt met het vaccin. Ook goedemorgen… Na wat uitzoekwerk besloot ik dat de kans dat ik door Covid trombose zou kunnen krijgen nog altijd groter is dan door deze prik. Maar beetje onrustig blijf ik wel.

Ondertussen krijg ik jaloerse berichtjes uit Nederland: ik woon 10 minuten bij het bedrijf vandaan en moet blijkbaar in de VS wonen om het Janssen-vaccin te krijgen. Ja, het afgelopen jaar heb ik vaak gedacht, was ik maar in Nederland. Maar vandaag denk ik voor het eerst: misschien is het hier zo gek nog niet…

Dit blog stond eerder op de site van HoutensNieuws.nl

Zelden heb ik armoede zo in het gezicht gekeken.

Twee weken lang was ik vrijwilliger voor het Amerikaanse Rode Kruis in de bergen van Kentucky. Een overstroming had veel mensen dakloos gemaakt. Zelden had ik armoede zo in het gezicht gekeken. Ik schreef er een artikel over op hetandereamerika.nl

Blaffende honden bijten niet

Dit werk doen betekent dat je veel blaffende en vaak loslopende honden tegenkomt. Ze rennen je in allerlei vormen en maten tegemoet op de erven of langs de weg. Mijn collega is iets meer ervaren in het domineren van deze beesten dan ik:-)) Maar blaffende honden bijten vooralsnog niet.

Vandaag hadden we wel te maken met een eigenaar van een trailerpark die ‘not amused’ was dat we foto’s maakten van een aantal trailers. Mensen bellen het Rode Kruis soms omdat ze hulp willen en dan taxeren wij de schade. Zo ook deze adressen. Maar dat zag deze meneer niet zitten. Hij beval ons op hoge toon weg te gaan terwijl hij zijn mouwen opstroopte. We waren aan het ‘trespassen’ en hadden hier niks te zoeken. Er was bovendien nauwelijks schade volgens hem, terwijl we net foto’s hadden gezien van een bewoner van het park waarop te zien was dat het water tot aan de dakranden kwam. Waarom loog deze man?

Terwijl we uitlegden dat bewoners het Rode Kruis hadden gebeld en we volkomen legitiem daar waren werd hij steeds bozer en intimiderender. Hij dreigde de sheriff te bellen en voegde daad bij het woord. We vertrokken nadat we foto’s hadden gemaakt naar een andere plek waar al snel de sheriff himself kwam aanrijden. Een uiterst vriendelijke man die ons zijn kaartje gaf mochten we nog meer problemen krijgen. Hij kende zijn pappenheimers…

Voedselkeuken

Aangezien we tijd over hadden besloten we naar de lokatie te rijden waar ze de maaltijden uitdelen. Een onafzienbare rij pickup trucks, sedans vol deuken en loshangende bumpers en een enkele schadevrije auto trok voorbij. Voor ik het wist was ik bezig stapels maaltijden, snacks en blikjes op achterbanken te plaatsen die vol lagen met allerlei troep of op de schoot van passagiers terwijl de regen in bakken naar beneden kwam. Een man had zijn geweer nog op de voorbank liggen.

Het ging van 4 tot soms wel 100 maaltijden per auto die vers bereid werden in een speciale truck door een kerkgenootschap. Het eten werd vervolgens door ons overgeschept in kartonnen ‘doggiebags’ en dus uitgedeeld. We werkten van 4-7 uur en hadden toen ruim 3500 maaltijden uitgedeeld. En dat dan drie keer per dag…

De overstroming mag dan misschien wel geen wereldnieuws zijn, de impact is enorm. De vernietigende kracht van het water is ongekend geweest hier en de mensen kunnen alle hulp gebruiken.

Geduld oefenen in Kentucky

Vier dagen ‘on the job’ en wat een indrukken. Tijdens de rit van het vliegveld naar het hotel vertelde mijn collega dat vrijwilliger zijn voor het Rode Kruis ook betekent flexibel zijn en positief blijven. Dat heb ik de afgelopen dagen wel geleerd. De ritten om spullen naar de opvanglocaties te brengen waren er weinig. We waren simpelweg met te veel mensen.

Daarom heb ik gisteren gevraagd om voor een ander onderdeel te mogen werken. Dat is het onderdeel dat in tweetallen naar de counties rijdt om te onderzoeken hoe het daar is, soms omdat ze informatie hebben doorgekregen van mensen dat mensen in de problemen zitten, soms om in kaart te brengen hoe het gebied eruit ziet.

Vandaag vertrok ik daarom in een rode Jeep (!) naar een county in het oosten van Kentucky. Het was een rit van meer dan twee uur. Onderweg gingen de heuvels met paarden en koeien langzaam over in bossen en bergen met daartussen langs de vele riviertjes huizen en heel veel trailers.

Toen wij in de buurt kwamen van de ‘hotspot’ die we moesten zien te bereiken liepen we vast. Modder, bomen over de weg, veel rotzooi en een deel van de weg die helemaal onder water stond. Terug gereden, gevraagd aan ‘locals’ om een andere route, weer vastgelopen. Frustrerend.

Toevallig voer iemand met een platte boot langs. We besloten te fluiten en hem te vragen of hij ons verderop kon brengen. Deze supervriendelijke man wilde dat meteen. Dus voeren we over het smaragdgroene water over de Kentucky rivier. Maar twee miles verderop liepen we alsnog vast omdat er een brug over de rivier liep, die nu 20 feet (6 meter) hoger was dan normaal waardoor we er niet onderdoor konden varen. De truck die de rommel aan de kant aan het schuiven vond het ook niet verantwoord om verder te rijden, dus onverrichterzake keerden we terug. Toen de derde route die we probeerden doodliep omdat de brug was ingestort, besloten we het op te geven en te kijken of het water morgen wellicht gezakt zou zijn.

We namen een andere route naar een ander gebied. Wat zag ik een armoede. Zoveel trailers, met rommel rond de veranda, armoedig geklede mensen, loslopende honden en verroeste auto’s. Maar ook allemaal mensen die hoewel eerst vijandig veranderden naar vriendelijke mannen en vrouwen die ons graag informatie gaven over hoever de vloed was gekomen en of ze nog andere mensen kenden die in de problemen zaten door het water. En ons daarna enthousiast de hand schudden:-)

Het zijn dagen van nederigheid, oefenen van geduld (niet mijn beste eigenschap), van je – steeds opnieuw – te realiseren hoe goed je het zelf getroffen hebben, van dankbaarheid iets te kunnen doen voor deze mensen, van verveling en opwinding. Soms had ik het gevoel in een filmdecor rond te lopen. Deze beelden kende ik alleen van de film. Maar dit is het echte leven, hier in de bergen van de Appalachian waar het leven op dit moment en niet alleen nu, overleven is.

Waarom raken rampen de kwetsbaarsten het hardst?

Eerste dag ‘on the job’. Nog een beetje onwennig in mijn Rode Kruis vest loop ik samen met mijn collega, die ik gisteren al op het vliegveld had ontmoet en met wie ik een auto deel het hoofdkwartier van het Rode Kruis binnen. Het is een drukte van belang van vooral gepensioneerde vrijwilligers. Ik ben een van de jongsten schat ik in.


Ik ben ingedeeld bij de dienst die de distributie verzorgd van spullen die nodig zijn in de gebieden waar mensen worden opgevangen. We laden onze auto vol in de ochtend met water. Ik vraag me af of dat eigenlijk niet wat efficiënter kan. 82 blikjes water en dan ruim een uur rijden. Maar ik heb me voorgenomen flexibel te zijn, niet te veel vragen te stellen en me over te geven aan het proces:-)


Als snel rijden we door het heuvellandschap richting de Appalachian Mountains. Onze rit heeft een beetje trekken van een toeristisch uitje. Het is prachtig weer, de omgeving wordt steeds mooier en de muziek is goed.
Dan komen we aan bij een shabby motel. Normaal vangt het Rode Kruis mensen op in tenten of grote zalen van bijvoorbeeld scholen. Nu huren ze kamers in motels/hotels vanwege covid. We laden onder dankbare blik de gewenste blikjes uit. De Rode Kruismedewerker vertelt dat ze acht gezinnen opvangen die in trailers woonden die compleet zijn weggevaagd.


Modder

Als we even later het dorpje inrijden zien we de schade. De straten liggen nog vol met modder, mensen verzamelen meubilair en proberen te redden wat er te redden valt. Aan de auto’s zien we hoe hoog het water stond. Op het trailerpark ligt overal rotzooi, modder en takken. Waarom is het toch altijd dat rampen de meest kwetsbaren het hardst treft?


Als we bij Walgreens even later wat persoonlijke spulletjes willen kopen wil een vrouw onze boodschappen betalen. Ik ben compleet verrast en voel me nogal bezwaard. We weigeren tot vijf keer toe. Maar de vrouw staat er echt op: we zijn zo dankbaar dat jullie hulp bieden. We geven ons gewonnen. Met tranen in mijn ogen loop ik de zaak uit.


Onderweg terug zien we nog meer ravage. Stukken weg die zijn weggeslagen, een heel trailerpark wat is weggespoeld en zelfs treinwagens die door de overstromingen op hun kant zijn gevallen. Wat een ellende…


Het maakt indruk, hoe gezellig het ook in de auto is met mijn nieuwe vriend. Want als je zo’n tijd bij elkaar in de auto zit, leer je elkaar ook snel kennen.


Terug op het hoofdkwartier krijg ik de badge opgespeld, die toont dat dit mijn eerste ‘deployment’ is. Dat is nogal een dingetje blijkbaar. De meeste vesten hangen vol met dit soort opgespelde broches.

Schaamrood


’s Middags rijden naar een ander deel van het land. Een ander landschap met veel heuvels en paarden. Weer een hotel en dankbare medewerkers. We zijn zo aan het kletsen dat we bij terugkomst pas ontdekken dat we vergeten zijn om de ‘snacks’ af te leveren waarvoor wel getekend was. Met het schaamrood op onze kaken bekennen we onze ‘failure’. Dit zal me niet meer overkomen.

We gaan snel eten in een Ierse pub in Lexington, wat een schattig universiteitsstadje blijkt te zijn. Doodmoe van alle indrukken arriveer ik om acht uur bij ons hotel. Morgen weer een dag… #americanredcross #Kentucky #flooding #dutchieindc

Daar wil ik best even natte voeten voor halen

Ineens waren de tijdlijnen op onze Facebook en Instagram accounts gevuld met schaatsfilmpjes en foto’s. Vrienden en familie op de Rietplas, anderen verder weg op de vaarten in Friesland. Een vriendin voor het eerst schaatsend bij Kinderdijk. En wij waren de jaloerse getuige vanaf de andere kant van de oceaan.

Aanvankelijk leek Nederland in paniek. ‘Ontwrichtend’, sprak de NOS, toen de eerste vlokken zich aandienden. Ik dacht dat we die woorden alleen gebruikten voor de coronacrisis. Maar Nederland was toe aan afleiding na de tegenvallende aantallen inentingen en de avondklok. Iedereen zette zich schrap voor de sneeuwstorm. Wat een teleurstelling, toen de volgende dag in het Noorden en Zuiden nauwelijks sneeuw was gevallen.

Maar als snel sloeg de stemming om toen de temperatuur bleef kelderen. De politiek was er snel bij om alvast uit te spreken dat die Elfstedentocht zéker doorgang moest vinden. Het is tenslotte verkiezingstijd en laat de premier en minister de Jonge maar uitleggen dat dat natuurlijk wat voorbarig is. Puntje gescoord.

Koek en zopie, winterse plaatjes van grachten waarop meisjes op hun schaatsen ronddraaiden alsof ze nooit anders deden. Kleine meisjes met rode wangen die met gelukzalige ogen voorzichtig over het ijs kluunden. Nederland genoot met volle teugen.

In mijn appgroepje van Nederlandse vrouwen in Amerika waren met name de filmpjes waarin mensen ineens door het ijs zakten populair. Het was onze manier om om te gaan met dat knagende gevoel dat het leven in een ander land meestal een feest is, maar dat je op sommige dagen wel even terug zou willen zijn in Nederland. De schaatsen onder, neus in de wind, over het krakende ijs. En die dag hadden we daarvoor ook best even natte voeten willen halen…

Verdienen aan de sneeuw

Dagenlang is deze ‘sneeuwstorm’ al aangekondigd. Op de radio en in grote letters boven in de weerapp. Het klinkt erger dan het is. Zoals meestal hier. Buiten ligt een dik pak sneeuw. Er waait een koude wind uit het noorden. De opritten zijn wit, maar de wegen zijn goed te berijden. We zijn niet ingesneeuwd en er zijn geen stroomstoringen.

Sneeuw heeft juist ook zijn voordelen. Dat Amerika het land is van de ondernemers begint ook mijn 12-jarige zoon te ontdekken. Hij komt op het idee om zich aan te bieden als sneeuwschuiver samen met zijn vriendje. Ik zoek via de wijkapp contact met buurtgenoten. Al snel is er iemand die graag gebruik maakt van hun diensten. Hij trekt zijn skibroek aan. Op sneeuwlaarzen en gewapend met de schep lopen ze naar het huis. Daar zijn ze in tien minuten klaar. Met 40 dollar in de hand. Ik denk even dat ik het verkeerd verstaan heb, als hij het me met rode konen verteld.

Ze hebben de smaak te pakken en bellen bij andere huizen aan. Na een uur komt hij thuis en laat met rode wangen en een stralend gezicht de opbrengst zien. Een enorm bedrag: twee maanden zakgeld voor twee jongens. Dat smaakt naar meer. Hij wil al een tijdje het geheugen van zijn computer uitbreiden. Dat kost wat. We zien kansen…

Als er dus na twee dagen opnieuw sneeuw is bijgevallen, doen ze nog een ronde. En weer een mooie opbrengst. Inmiddels heeft hij zoveel verdiend dat hij in het stadium komt dat hij zomaar vijf dollar aan zijn zusje kan weggeven zonder dat het ‘zeer’ doet. ‘Hier’, zegt hij, terwijl zij hem ongelovig aankijkt alsof hij een grap maakt.

Het is zeker niet zo dat hier veel sneeuw valt. Vorige winter hebben we geen enkele vlok gezien. Maar aankomende week staat het weer op zeker vier dagen sneeuwen. Mijn zoon hoort de kassabel al rinkelen. Die uitbreiding van het geheugen van de computer gaat er komen. Dat is een ding dat zeker is.

Het ergste is nog niet voorbij

Waar ik nog even hoopte dat we na 2020 het ergste achter de rug zouden hebben, kwam ik al snel bedrogen uit. Op 6 januari werd onder luid gejoel en geschreeuw het Capitool, het Amerikaanse Huis van de Democratie bestormd.

Ikzelf had die dag besloten om met een vriendin naar de bijeenkomst te gaan om foto’s te maken en een stuk te schrijven voor onze website hetandereamerika.nl. Om 11 uur zou president Trump spreken en die hadden we nog nooit live gehoord. We wilden met eigen ogen zien hoe de Trumpstemmers daarop zouden reageren.

Het was ijzig koud. Er stond een harde wind op de Mall, het grote grasveld waaraan het Witte Huis en het Capitool liggen. Voor het Washington Monument stond een bonte verzameling mensen: mannen met vlaggen en in camouflagekleding, vrouwen met MAGA caps op en ook sporadisch kleine kinderen en zelfs baby’s.

De sfeer was redelijk ontspannen, totdat Trump het podium beklom. Hier waren ze voor gekomen. Het publiek werd uitzinnig. En al snel vertrokken de eerste Trumpaanhangers naar Capitol Hill.

We besloten mee te lopen. Onderweg zagen we veel van de gebruikelijke Trumpstemmers, uitgedost in de kleuren van de Amerikaanse vlag. Hoe dichter we bij het Capitool kwamen hoe grimmiger de sfeer werd. Bij een boom deed iemand zijn kogelvrije vest aan. Er liepen pitbulls aan de lijn, sommige mannen hadden helmen aan hun rugzak hangen en spraken in walkietalkies. We hoorden knallen die later traangaskogels bleken te zijn en een aanzwellende stoet politiesirenes.

Een vrouw sprak ons aan en vertelde dat Mike Pench in veiligheid was gebracht en dat ze het Capitool waren binnengedrongen. Het leek ons tijd om te vertrekken.

Onderweg naar de metro zagen we allerlei auto’s en busjes op hoge snelheid voorbij scheuren. Grote paniek.

Pas thuis achter de tv drong tot me door wat er binnen het Capitool was gebeurd. Onwerkelijk. Een dieptepunt van vier jaar polarisatie en alternatieve feiten.

Het hakte er diep in. De volgende dag op school – via de ZOOM – ging het er vaak over. Kinderen waren bang. Als dit kon gebeuren, wat betekende dat voor de komende week? In de buurt maakten mensen zich ineens zorgen over de verkiezingsborden in hun voortuin. Wel of niet naar binnen halen?

Inmiddels is het centrum omgetoverd tot een niet te nemen vesting. 20.000 militairen worden er de komende dagen verwacht. Maar 3.000 minder dan toen de VS Irak binnenviel. Washington DC is op oorlogssterkte.

Is er voor de VS nog wel een weg terug? Kan dit diep verdeelde land ooit nog verenigd worden?

Vandaag verschenen in het Nederlands Dagblad Vanwege de betaalmuur ook maar even zo:

Vier jaar Trump heeft Amerika gespleten. Onlangs sprak ik een Amerikaanse vrouw die bij het ministerie van Binnenlandse Veiligheid had gewerkt. Kort na de verkiezing van president Donald Trump in 2016 was ze daar weggegaan. Zij kon zich niet vereenzelvigen met het programma van de nieuwe president. Met afgrijzen zag ze hoe haar oud-collega’s steeds verder meegingen in het beleid van de nieuwe president om ouders en kinderen die hoopten op een toekomst in Amerika bij de grens uit elkaar te halen.

De verkiezing van Trump had haar niet alleen haar baan, maar ook de relatie met haar vader gekost. Als overtuigd Trumpstemmer was er met hem geen enkel redelijk gesprek mogelijk. Ze kon het niet meer opbrengen om met haar vader om te gaan.

Deze verhalen vormen geen uitzondering. De korte blijdschap over de winst voor Joe Biden heeft plaatsgemaakt voor grote zorgen. Veel van mijn Amerikaanse kennissen vragen zich af hoe het nu verder moet. De verdeeldheid splijt families. Kan dit diep verdeelde land ooit nog verenigd worden?

Afgelopen november stemden 10 miljoen Amerikanen meer op Trump dan in 2016. Daarmee is hij van een frisse buitenstaander tot een mainstream politicus geworden. Tot nu toe neemt de Republikeinse Partij geen afstand van zijn ongegronde aantijgingen en ondermijning van het democratische proces. Vorige week heeft de staat Texas een procedure aangespannen bij het Hooggerechtshof tegen de uitslag. Zeventien andere staten samen met 126 Republikeinse Congresleden sloten zich daarbij aan. Het door hen gewenste resultaat bleef uit.

De inmiddels ontslagen Attorney General William Barr concludeerde ook dat er geen enkel bewijs is voor fraude die de uitslag van de verkiezingen had kunnen beïnvloeden. Desondanks blijft Trump olie op het vuur gooien en zijn er continu demonstraties tegen de ‘gestolen verkiezingen’.

Het is niet de eerste keer dat Amerika verdeeld is. Denk aan de tijd van de Vietnamoorlog en president Nixon. Ook toen waren er heftige demonstraties tegen de oorlog en was er diepe verdeeldheid tussen de Democraten en Republikeinen. Maar door de invloed van social media komt de boel nu nog meer op scherp te staan.

Amerika bestaat steeds meer uit parallelle werelden met hun eigen media en daaraan gekoppelde visies. Facebook en Twitter plaatsen sinds kort waarschuwingen bij feitelijke onjuistheden in berichten. Dat gebeurt ook met grote regelmaat bij de berichten van de president. Veel Trumpstemmers voelen zich hierdoor in hun vrijheid van meningsuiting aangetast. Onder vermelding van #tweetexit en #FBexit gaan veel conservatieve gebruikers over naar het nieuwe social media-platform Parler.

Parler heeft veel weg van Twitter. Mensen plaatsen hier hun mening en leveren commentaar op alles wat hen bezighoudt. De tweetsheten hier parleys en een retweet heet een echo. Er is alleen een belangrijk verschil. Parler corrigeert haar gebruikers niet. Hetzelfde gebeurt op Rumble, het nieuwe YouTube voor de Trumpers. Dat kanaal toont alleen filmpjes zonder een vorm van ‘censuur’.

De onstuimige groei van Rumble en Parler past in een trend. Amerikanen trekken zich steeds meer terug in hun eigen werkelijkheid van alternatieve feiten. Het vormt de kern van het post-truth tijdperk.

Waar gaat dit naartoe? Ik kan me voorstellen dat de situatie hier lijkt op de enorme verdeeldheid in het Duitsland in de jaren dertig. Ook daar was een regime gebaseerd op angst en achterdocht dat de democratische instituties ondergroef. En een haat tegen het buitenland dat hen tekort deed. Ik heb nooit begrepen hoe zoiets kan gebeuren. In het Amerika van 2020 waar ik nu woon, lijkt het voor het eerst voorstelbaar.

Is er een manier om weg te komen uit deze verdeeldheid? In Nederland zou ik denken dat die weg via onderwijs en objectieve nieuwsgaring zou lopen. Dat zijn immers plaatsen waar mensen met verschillende achtergrond elkaar ontmoeten en leren discussiëren op basis van een gedeelde werkelijkheid. Het Amerikaanse onderwijs is juist enorm gesegregeerd. De rijke kinderen gaan naar exclusieve privéscholen. De kwaliteit van het publieke onderwijs is afhankelijk van de waarde van de huizen in de wijk. De Amerikaanse media bestaan uit verzuilde instituties waar journalisten op tv en in de krant als ware ‘personalities’ het nieuws becommentariëren.

Joe Biden als nieuwe president heeft zijn overwinning vooral te danken aan de afkeer van zijn kiezers van Donald Trump. Hij probeert het land weer te verbinden door te herhalen dat hij een president is voor alle Amerikanen. De vraag is of er wel een weg terug is uit het post-truth tijdperk. De ‘grootste democratie van de wereld’ zou wel eens een relikwie uit het verleden kunnen worden.

Waar een klein gebaar groot in kan zijn

De sneeuw valt in zachte vlokken op het gras voor ons huis in Amerika. De kinderen kruipen achter hun schermpjes vandaan. School zit er op vandaag. Al 9 maanden zitten ze thuis en het einde is voorlopig nog niet in zicht. We proberen er het beste van te maken. Toch voelt het knus nu, met de open haard die brandt, de kerstboom die met zijn lichtjes staat te flonkeren en de witte wereld buiten de deur.

Ik kijk op Twitter. Hèt onderwerp is de lockdown. Nederland moet op slot de komende weken. Dat valt hard. De niet-essentiële winkels moeten dicht. De scholen ook. Maar Schiphol en de kerken blijven open. Sommigen spreken er schande van. De kerken moeten ook dicht.

Grondwet

Ik heb geleerd dat over het algemeen weinig zin heeft om de Grondwet nog eens uit te leggen aan de tegenstanders, geharnast als ze zijn in hun overtuiging. Ze realiseren zich niet dat het ook over hen gaat. De Grondwet beschermt vrijheden van minderheden tegen indoctrinatie van slecht willende overheid die zich met het privédomein van de burger zou willen bemoeien. Het gaat dus ook om hùn vrijheid te geloven wat zij willen.

De afgelopen tijd heb ik nog wel eens aan de betekenis van zo’n grondwet gedacht nu de president van Amerika Donald Trump weigert de uitslag van de verkiezingen te erkennen. Daarmee zet hij de democratie op het spel. In andere landen hebben we gezien waar dat toe kan leiden.

Kerken

Terug naar de kerken. Hoewel de kerken dan grondwettelijk gezien niet zomaar gesloten kunnen worden, mag er wat mij betreft wel een groot beroep worden gedaan op het gezond verstand van de kerken. Als kerk heb je een rol te vervullen als voorbeeld van samenleven. Wat mij betreft horen de kerkgebouwen gewoon dicht te blijven tot na de lockdown.

Het geloof is nooit begonnen om het kerk(gebouw), maar de kerk(gemeenschap) is er om het geloof. En juist nu in deze tijd, waarin mensen zoeken naar houvast, een luisterend oor, een betekenisvol verhaal heeft de kerk misschien wel meer dan ooit een rol te spelen.

De Protestantse Kerk Nederland, de PKN, had een prachtige video opgenomen van het Kerstlied oh kom, oh kom Immanuel. Muzikaal en qua vormgeving niks mis mee. Maar zou dat lied niet in plaats vanuit een kerkgebouw vanuit de straten en op de verlaten pleinen moeten klinken?

Een klein gebaar

Het verhaal van de geboorte van Jezus is een verhaal voor de wereld, niet voor de kerk. Kerst gaat voor mij over kwetsbaarheid en menselijkheid. Juist in die kwetsbaarheid die we allemaal ervaren, kunnen we elkaar vinden.

Daarom was ik blij verrast met het initiatief #eenkleingebaar van de kerken en lokale organisaties. Hun boodschap: jij bent nietalleen.nl. Op deze site kunnen mensen zich melden die behoefte hebben aan een luisterend oor of een uitgestoken hand. De aangesloten organisaties zorgen dan voor de verbinding. Een mooiere kerstboodschap kan ik me eigenlijk niet voorstellen. Practice what you preach!

Merry Christmas!

#stopthesteal

Gisteren was ik bij de demonstratie van trotse, maar teleurgestelde Trumpstemmers. Volgens deze Amerikanen zijn de verkiezingen gestolen: #stopthesteal. Ze hadden hun hoop gevestigd op nog vier jaar presidentschap van Donald Trump. Het kan niet anders dan dat er gerommeld is met de stembiljetten. Ik ontmoette vriendelijke mensen die blij waren onder gelijkgestemden te zijn. Het was een dagje uit naar de hoofdstad onder een stralende najaarszon. Maar ik zag ook mensen die in de eerste fase van het rouwproces lijken te zitten: ontkenning. #dutchieindc#HetAndereAmerika

Wij waren erbij!

Zelden voelde ik me zo onderdeel van een historische gebeurtenis als afgelopen week. We liepen net de parkeergarage uit in Washington DC toen ik op mijn telefoon zag dat CNN de Democratische presidentskandidaat Joe Biden uitriep tot president-elect, de aankomende president. Drie meisjes die in de rij stonden voor een restaurant begonnen te springen. In de verte waren claxons te horen. We besloten direct door te lopen naar het plein voor het Witte Huis.

In no time stond het Black Lives Matter Plaza, recht voor het Witte Huis vol met allemaal juichende mensen die elkaar in de armen vielen. Flessen champagne werden, na flink geschud te zijn, over het publiek onder luid gejoel leeggespoten. Er waren Biden-vlaggen, in de haast gemaakt bordjes met teksten als you’re fired die mensen in de drukte boven hun hoofd hielden. Ik was, met medisch mondmasker op, op een betonblok geklommen om boven de drukte te staan. Het was immers nog coronatijd. Met tranen in mijn ogen en een brok in mijn keel keek ik uit over de kolkende menigte.

Vijf dagen lang had in onze woonkamer de televisie aangestaan. Vijf dagen lang hadden we gekeken naar de kaart van Amerika waar staten van grijs naar rood of blauw en soms weer terug kleurden. Waar presentatoren met jaloersmakende handigheid met een tikje op het scherm lieten zien wat de mogelijke uitkomsten waren en in welke staat. Onze topografische kennis is er goed op vooruit gegaan. Regelmatig vielen de kinderen binnen tijdens hun schoolpauze of er al nieuws was. Niet dus. Nerve wrecking

Opgeluchte gezichten

Tot dus die zaterdag bij het Witte Huis. Daar kwam het bevrijdende bericht. Het was alsof de sluier die vier jaar lang over de stad hing werd afgedaan. Er werd gezongen en gedanst. Waar je ook keek: er waren alleen opgeluchte gezichten te zien.

Voor één dag dan. Want de realiteit is, dat nog niet definitief is. President Trump weigert vooralsnog zijn nederlaag te erkennen. Maar gelukkig hebben wij de foto van ons gezin met op de achtergrond het Witte Huis, als bewijs dat we er bij waren: de dag dat de bewoners van DC weer hernieuwde hoop kregen op een nieuw hoofdstuk in de geschiedenis van dit verscheurde land.

Kleur bekennen in je voortuin: ByeDon

Op onze buurtapp klaagt een vrouw dat het bordje uit haar voortuin is gestolen. De groene tuinen staan hier vol met langwerpige kartonnen platen die in de grond zijn geprikt met ijzeren pinnetjes. Het hele jaar door. Of het nu gaat om een kind dat geslaagd is voor de high school of de Black Lives Matter beweging. Het is een manier van kleur bekennen in de voortuin.

In deze verkiezingstijd zijn er teksten te lezen met steun voor de presidentskandidaten. Nu de verkiezingsstrijd steeds verhitter raakt, zie ik steeds meer bekentenissen op mijn vaste rondje met de hond.

Er zijn allerlei variaties. Op het bordje van de klagende vrouw stond de tekst: BYEDON. Ik had hem ook gezien en er zelfs een foto van gemaakt. GoodBYE DONald. Ik vond hem wel goed gevonden. Er was echter een onverlaat die het bewust kartonnetje uit de tuin had geplukt en daar was de buurvrouw zeer ontstemd over.

Freedom of speech

Op de app kreeg ze allerlei bijval van mensen die er schande van spraken. Wie doet er nou zoiets? Freedom of speech! 

In onze buurt zijn er weinig Trumpies, zoals aanhangers van Trump in de volksmond genoemd worden. De vorige verkiezing stemde slechts 4% voor Trump als president. Ik schat in dat dat deze keer niet veel anders zal zijn. We wonen in een ‘blauwe bubbel’ wat dat betreft. Niet doorsnee voor Amerika. 

Maar blijkbaar zijn ze er wel. Wie kan anders het bordje hebben gestolen? Ik vraag me alleen af of de persoon er veel plezier aan heeft gehad. De bewuste actie leidde er vooral toe dat nog meer mensen het bewuste bordje gingen bestellen. Dit keer met het dringende advies de tekst achter de voorruit te plaatsen.

Ik vind je hond leuker dan jou…

Het is een prachtige herfstmiddag als ik naar buiten stap met de hond. Aan de linkerkant van de weg loopt een jongen met iets in zijn hand. Iemand die het gas opneemt?

Ik besluit aan de overkant langs te lopen. Onze Ridgeback is groot en sterk en kan mensen afschrikken. Mijn gewoonte is daarom altijd met een boog om mensen heen te lopen. Ondertussen luister ik naar een podcast van The Daily van de New York Times over Notorious RBG.

Je hond is leuker

Als ik voorbij de jongen loop, zie ik dat hij zich ineens naar me omdraait en iets tegen me zegt. Ik denk dat ik het niet goed versta. Dus ik zeg, terwijl ik mijn airpod uit mijn oor haal:

‘Sorry?’

‘Ik vind je hond leuker dan jou…’

Ik verstond het dus toch goed.

‘Sorry? Wàt zeg je?’

‘Dat ik je hond leuker vind dan jou’. In de verbitterde toon klinkt geen compliment door…

‘Waarom zeg je dat…?

‘Ik zag wel dat je overstak toen je me zag. Dat doe je omdat ik zwart ben’.

Mijn verbijstering en irritatie groeien met de seconde. Maar ook mijn nieuwsgierigheid…

‘Dat deed ik vanwege mijn hond. Waarom denk je dat ik zo iemand ben? Ik steun de BLM-beweging’, voeg ik er stamelend in mijn beste Amerikaans aan toe. Door de verrassing moet ik naar woorden zoeken

‘Al jullie witte mensen denken zo, ik kom uit New Orleans.’

Die witte vrouw

En ineens breekt mijn hart voor die jongen. Zo ziet zijn wereld er dus uit. Witte mensen die niets van hem moeten hebben. Keer op keer teleurgesteld in het leven. Ik kan er slechts naar gissen.

Ik snap hem wel. Voor hem ben ik ‘die witte vrouw’. Wandelend met een rashond door een dure woonwijk, met grote huizen en dikke auto’s en brede lanen. Iemand bij wie het leven onnoemelijk meer kansen in de schoot gooit dan bij hem.

Dit is het resultaat van een samenleving die systematisch zwarte en gekleurde Amerikanen op achterstand zet. Waar verbittering de toon zet in het denken over elkaar.

Het is voor het eerst dat ik zo’n directe confrontatie meemaak met wat racisme en discriminatie doet met mensen. Ik merk hoe het me raakt dat ik volgens hem ook bij die groep witte mensen hoor met hun witte privileges. Stiekem ben ik een beetje verontwaardigd. Ik ben toch juist wel geschikt?!

Gemiste kans

De jongen is een goede handelaar, want ineens realiseert hij zich dat hij iets te verkopen heeft.

‘Wil je soms iets kopen?’. Verwachtingsvol kijkt hij me aan alsof ik zo kan laten zien dat ik wel okay ben.

Ik sta nog steeds met mijn grote hond aan de overkant, perplex over wat er net is gebeurd en met mijn to do-lijstje in het hoofd. Ik mompel, dat ik snel door moet met de hond omdat mijn dochter zo naar training moet.

Ik durf niet te kijken naar zijn reactie. Het is waar wat ik zeg, maar ik voel zijn teleurgestelde blik branden op mijn rug als ik verder loop. Al voordat ik de eerste stap heb gezet, heb ik zo’n spijt. Niet omdat ik geen kaart, of wat hij dan ook kwijt wilde, heb gekocht. Maar dat ik de uitnodiging liet liggen om een brug te slaan tussen de verschillende werelden waarin wij in hetzelfde land Amerika van vandaag leven. Hoe okay ben ik eigenlijk?

Stop the bullshit!

Ik zit even aan mijn taks wat betreft Trump-borden. Afgelopen twee dagen zijn we in Pennsylvania geweest, een staat die aan onze staat Maryland grenst. Het is het echte platteland, prachtige groene bergen en bossen. En ook veel armoede en werkloosheid vanwege de gesloten mijnen.

Wij bezochten de plek waar Vlucht 93 is neergestort op 11 september 2001. De vlucht die eigenlijk letterlijk in het Capitool, de plek van het parlement in Washington D.C. had moeten eindigen. Door het ingrijpen van de passagiers en bemanning stortte het vliegtuig neer in een veld ver van D.C. vandaan.

Het was de dag nadat de herdenking daar had plaatsgevonden waar president Trump een krans had neergelegd. Nu waren er drommen van ‘bikers’, mannen en vrouwen op hun motoren, met leren vesten aan en 90% zonder mondkapje. De anderhalve meter afstand bestond hier niet.

Er wordt wel gezegd dat je kunt zien aan het feit of iemand een mondkapje draagt of hij Republikeins (zonder) of Democratisch (met) stemt. Gisteren zagen we veel, heel veel Republikeinen. Niet alleen bij de herdenkingsplek; ook onderweg zagen we overal vlaggen met ‘Trump&Pence 2020’ erop, tuinen vol met borden met daarop ‘drain the swamp’, en ‘stop the bullshit’. Een enkeling had nog het lef een bordje met steun voor Biden in zijn voortuin te plaatsen, maar ze waren bijna op één hand te tellen.

Onze kinderen realiseerden zich ineens in wat voor ‘blauwe bubbel’ we hier leven. In onze buurt is eigenlijk geen steun voor Trump te vinden. Bij ons vooral teksten als ‘ByeDon’ of ‘Biden 2020’ op de veranda’s.

Maar op het platteland van Pennsylvania zijn de mensen teleurgesteld in de Democraten op wie ze van oudsher stemden. Zij zijn er in hun ogen schuldig aan dat de mijnen zijn gesloten en dat onvoldoende brood op de plank komt.

Donald Trump is op dit moment hun grote held. Op hem is hun verwachting gevestigd. Hij heeft het beloofd: make America great again! Ik houd mijn hart vast. Voor hen, voor dit land en eigenlijk voor de hele wereld. Het wordt een spannende tijd de komende dagen tot aan de verkiezing op 3 november.

Wat is er met mijn oud-collega Ayaan Hirsi Ali gebeurd?

Onze wegen kruisten elkaar al eerder, die van Ayaan Hirsi Ali en mijzelf. Het was in 2003, toen we beiden Kamerlid waren, zij voor de VVD en ik voor het CDA. We waren coalitiepartners en allebei woordvoerder van het dossier integratie. Dat betekende dat we moesten samenwerken op dit thema.

Het was de tijd van de moord op Pim Fortuyn (2002) en Theo van Gogh (2004). Mensen waren boos en bang. Wij waren nieuw en moesten nog wennen aan de mores in de Tweede Kamer. Ik herinner me dat ze me tijdens een debat dat twee dagen duurde, in een column in de krant van ‘apartheid’ betichtte. De volgende ochtend verweet ik haar vanaf het katheder dat ze dit debat in de Kamer moest voeren waar ik een weerwoord kon geven, maar dat ze hier niet verder kwam dan ’gestotter en geschutter.’ Het kon er hard aan toe gaan.

Submission

Ik leerde Ayaan kennen als een onafhankelijk denker, niet bang voor wat anderen van haar vonden. Ze kwam bij de denktank van de PvdA vandaan voordat Neelie Smit Kroes, oud-minister van de VVD haar onder haar vleugels nam. Ze was een dwarsligger. Haar missie: opkomen tegen de onvrijheid binnen de islam, met name voor vrouwen.

Met Theo van Gogh nam ze de film Submission op. In deze film waren vrouwen te zien die vertelden over hoe zij door hun islamitische familie waren mishandeld. Op hun lichaam waren teksten uit de Koran geschreven. Er was enorm veel weerstand tegen de film vanwege het gevaar dat deze zou aanzetten tot geweld, maar Ayaan zette door. Drie maanden later zou Theo van Gogh worden vermoord door de radicale moslim Mohammed Bouyeri. Ayaan werkte door met continue beveiliging om haar heen.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is Ayaan_Hirsi_Ali_by_Gage_Skidmore-722x1024.jpg
Ayaan Hirsi Ali

Samenwerken met Ayaan ging over het algemeen goed. Ik had veel respect voor haar drijfveren als vrouw die zich had ontworsteld aan de onderdrukking. We waren het vaak ook hartgrondig met elkaar oneens. Dat ging vaker over de vorm dan de inhoud. Ik deelde haar passie voor de strijd voor seksuele vrijheid van islamitische vrouwen, maar haar scherpe veroordeling van alles wat met religie te maken had riep meer weerstand op dan dat het oplossingen bood, vond ik.

Na haar vertrek uit de Kamer in 2006 immigreerde ze naar Amerika. Zelf vertrok ik eind 2017 ook naar Amerika.

Weerzien op twitter

Vandaag kruisten onze wegen zich opnieuw. Zonder dat Ayaan het merkte. Het gebeurde op de sociale media:

My gosh, the nerve! THRILLED and AMAZED that President Trump BANNED “Critical Race Theory” from federal training sessions. Surely CEO’s, Presidents, and Boards of corporations, universities and other institutions can match that courage.

Ayaan verstuurde deze tweet naar aanleiding van het bericht dat het Witte Huis geen geld meer geeft aan cursussen binnen de overheid die gebaseerd zijn op de Critical Race Theory (CRT).  Op Twitter noemt ze de CRT een absolutistische ideologie, die racistisch is tot op het bot, omdat het witte mensen zou bestempelen als racistisch. De aanhangers van deze theorie zouden uit zijn op de ontmanteling en vernietiging van de Verenigde Staten.

Dat is forse taal, passend bij het vocabulaire van president Trump. De toon van de tweets past ook helemaal bij hoe ik Ayaan ken, shockerend en scherp, maar heeft ze een punt?

Wat is the Critical Race Theory?

Ik ging op zoek naar wat die Critical Race Theory nu eigenlijk is. Bij de UCLA School of Public Affairs vond ik deze definitie die er kort gezegd op neerkomt dat het Amerikaanse systeem van zichzelf onderdrukkend is. De manier waarop de macht verdeeld is in Amerika, is gebaseerd op witte privileges en white supremacy, die mensen met een andere huidskleur marginaliseert.

CRT recognizes that racism is engrained in the fabric and system of the American society. The individual racist need not exist to note that institutional racism is pervasive in the dominant culture. This is the analytical lens that CRT uses in examining existing power structures. CRT identifies that these power structures are based on white privilege and white supremacy, which perpetuates the marginalization of people of color.

Wat ik lees is dat de CRT vooral het institutionele racisme wil aanpakken.

Na 2,5 jaar in de VS kan ik die noodzaak alleen maar onderschrijven. Het is pas hier dat ik me er echt van bewust werd hoe een systeem bepaalde groepen onderdrukt en andere bevoorrecht. We hoeven alleen maar te kijken naar welke groepen het hardst getroffen worden door Covid-19. Uit de cijfers blijkt dat vooral de black americans en in mindere mate de hispanics de dodelijke slachtoffers zijn. Zij werken veelal in de laagbetaalde baantjes, wonen in slecht geïsoleerde huizen en hebben veel gezondheidsklachten.

Wat als het een zwarte jongen was?

Vorige week waren er heftige rellen in Kenosha, Wisconsin, naar aanleiding van – weer – een schietpartij van de politie op een zwarte man. De straten werden bevolkt door boze betogers, maar er waren ook bewapende milities die als een soort burgerwacht de veiligheid wilden bewaken van winkels en gebouwen.

Een van die militieleden was een witte jongen van 17 jaar. Hij liep door de straten met een wapen. Politieagenten zouden hem nog een flesje water hebben overhandigd. Het is niet helemaal duidelijk wat er precies aan voorafging. Had de jongen geschoten, was hij door iemand aangevallen? Feit is dat op beelden te zien is dat de jongen wegrent, valt en om zich heen schiet. Een dode en een zwaar gewonde waren het gevolg.

Stel je nu het scenario voor van een zwarte jongen van 17 jaar. Hij loopt bewapend door de straten van Kenosha. Politieagenten zien hem. Zouden ze hem ook een flesje water hebben gegeven? De kans is heel groot dat deze jongen was neergeschoten, al voordat hij überhaupt de betoging in had kunnen lopen, zoals vele, vele beelden van politiegeweld de afgelopen maanden hebben aangetoond.

Dat is wat er mis zit in dit Amerikaanse systeem. Het gaat er niet om dat iedere witte man of vrouw een racist is, maar dat de manier waarop de samenleving is vormgegeven systematisch bepaalde groepen uitsluit.

Op basis van dezelfde wetten zitten er meer zwarte dan witte mensen in de gevangenis. Op basis van dezelfde regels gaat er meer geld naar scholen in rijke wijken dan naar arme wijken. Met hetzelfde aanbod van gezondheidszorg is de drempel voor sommige mensen met een andere huidskleur hoger dan voor witte mensen. De levensverwachting van zwarte Amerikanen is fors lager dan van witte Amerikanen.

En Ayaan?

Ayaan stelt dat er behoefte is aan kritische denkers die binnen het systeem en de bestaande wetten de ongelijkheid zouden moeten aanpakken. Maar hoe dan? Ik denk dat dat vrijwel onmogelijk is als racisme zo diep is verankerd in de identiteit en de werking van dit land. Dan is er misschien wel een beleid met de omvang van een nieuw Marshall Plan nodig.

Dat gaat er de komende maanden niet komen, vrees ik. Zeker niet met Donald Trump aan het roer, die Ayaan zo ruimhartig complimenteerde met zijn besluit. Maar ik vrees dat ook Joe Biden niet het verschil zal maken, gezien zijn gematigde agenda.

Ik vraag me af wat er is gebeurd met Ayaan. Waarom kiest deze ex-politica, die vroeger buiten het systeem dacht en radicale oplossingen niet uit de weg ging, die juist opkwam voor groepen die door een systeem werden onderdrukt, voor deze ‘gematigde’ oplossing? Waarom prijst ze een president die vaak de white supremacists steunt, om maar niet te spreken over zijn opvattingen over vrouwen? Ik kan er slechts naar gissen…

Wat zou ik het haar graag vragen tijdens een debat in de Tweede Kamer. Maar daarvoor zijn we 15 jaar te laat. Stiekem mis ik de oude Ayaan. Er is te veel veranderd…

Dit stuk is eerder gepubliceerd op hetandereamerika.nl

Doorstart of exit: nog 88 dagen te gaan

‘Als Trump wint, dan denk ik er serieus over om te vertrekken…’ Onze Amerikaans-Marokkaanse vriend kijkt ons vastbesloten aan. Wij drijven op een floating hammock in het water van een meer ergens in Virgina. We hebben een glas prosecco in de hand. Het is hier fantastisch. Totdat het over de stand van het land gaat. Oplopende coronabesmettingen, hoge werkloosheid, gesloten scholen. Dan dringt het besef weer door hoeveel er mis is in Amerika.

Lees verder op Het Andere Amerika.

In twee dagen tijd: weg!

De grond dreunt nog na. Verschrikt komt mijn dochter van de trap rennen. Het leek wel of er een bom explodeerde. Het blijkt echter de laatste boom te zijn die tegenover ons huis tegen de grond is gewerkt. De kavel is in twee dagen huis- en bomenvrij gemaakt. Dat kan hier in Amerika. De huizen zijn niet van steen, maar van hout en cardboard.

Op verschillende plaatsen in ons huis zitten daarom gaten in de (cardboard)muur. Soms traceerbaar (van een deur die te ver doorschoot) soms minder (van een voet in de keldermuur, niet te achterhalen van wie). Huizen zijn hier een bouwpakketten. Een pakket van houten platen aan elkaar vast geschroefd en daar komt een soort isolatie tegenaan. En dan de cardboard platen. Stenen gebruiken ze eigenlijk alleen maar voor het aanzien van de buitenkant, maar vaker zijn het een soort plastic platen die op houten planken lijken. Het gebeurt in Nederland vast ook wel, maar hier is het standaard.

Bouwpakketten

Wij wonen in een wijk die in de jaren vijftig is gebouwd. Veel van deze huizen zijn inmiddels verbouwd. Steeds meer huizen worden echter vervangen door – enorme – nieuwe huizen. De oude huizen worden verkocht als ‘tear downs’: huizen die je koopt om ze vervolgens te slopen en er een nieuw pand voor in de plaats te zetten.

Een nieuw huis waar vaak minimaal twee keer zoveel voor gevraagd wordt. En ze zijn ook vaak twee keer zo groot. 400 tot 600m2 is niet uitzonderlijk.  Daardoor moeten dus die decennia oude bomen worden neergehaald. Zoals dus ook tegenover ons.

Het gaat me echt aan mijn hart. Het waren prachtige bomen van misschien wel 80 meter hoog, waaronder vossen en herten scharrelen, waarin prachtige rode kardinaalsvogeltjes en blue jay’s (familie van de Vlaamse gaai heb ik me laten vertellen) nestelen, woody woodpeckers gaten hakken en eekhoorns hun nootjes verstoppen. En af en toe een slang over de takken kruipt.

Dit is wat Amerika zo anders maakt dan Nederland. Maar helaas moet de natuur en haar bewoners plaatsmaken voor de consumerende burgers. Die willen nu eenmaal grotere huizen en grotere auto’s en de bomen leggen daarvoor het loodje. Met een enorme dreun.

Deze column is ook verschenen op HoutensNieuws.nl

Excercise met mondmaskers…

Jaloers kijken we naar de persconferentie van premier Rutte. We horen hoe de intelligente lockdown langzaam weer wordt afgebouwd. Scholen weer open, naar de kapper gaan en weer uit eten kunnen. Vakantieparken weer van het slot. Natuurlijk met 1,5 meter afstand maar toch!

Hier zitten we nog volop in de stay-at-home order fase. Dat betekent dat alleen de essentiële winkels open zijn, we thuis moeten werken en studeren en alleen voor boodschappen of excercise de deur uit mogen.

Excercise blijkt een ruim begrip. Het betekent zoiets als ‘bewegen’. Op straat is het tegenwoordig daardoor een stuk drukker. Met mensen, niet met auto’s. Hardlopend, honden uitlatend of gewoon wandelend terwijl ze hard praten door hun telefoon.

Op mijn dagelijkse wandeling met onze hond levert dat regelmatig hilarische momenten op. In Amerika kennen ze niet de verkeersregel dat rechts voorrang heeft. Dus hoe passeer je elkaar als er teveel mensen (met en zonder hond) een splitsing naderen terwijl iedereen op 6 feet afstand blijft?

Veel mensen lopen ook met mondkapjes op. Ik heb alle varianten al voorbij zien komen. Zelfgemaakt, sjaals voor de mond of meer professionele maskers met zelfs een doorzichtige kap voor het gezicht. In onze staat is het verplicht om met maskers op naar de winkels te gaan. Op straat wordt het aanbevolen; aangezien er zo veel ruimte is bij ons in de wijk doe ik er niet aan mee.

Afgelopen weekend mocht onze puberzoon na 8 weken voor het eerst met een vriendje fietsen. Na als wederzijdse ouders de pubers strenge afstandsinstructies te hebben gegeven, kwam het vriendje aanfietsen met een medicinaal mondmasker op. Vanuit de Nederlands context zwaar overdreven, maar aangezien we de kansen op een nieuwe playdate niet wilden verpesten, heeft zoonlief dus ook met een masker op de wijk verkend. Je doet gekke dingen in coronatijd…

In Nederland zijn mondkapjes trending. Wij weten er inmiddels alles van. Maar we kunnen niet wachten totdat die dingen weer af mogen! Nog tips nodig? Kijk dan even hier!

Deze column verscheen op HoutensNieuws.nl

De evolutie van het mondkapje: van supersuf tot fashionista statement

Waar in Nederland de discussie’s over het nut van het dragen van een mondkapje maar voortduren, is het in de VS eenvoudig. Zonder gezichtsmasker kun je geweigerd worden in de supermarkt. En dat kun je er in tijden van corona niet echt bij hebben. Dus kun je er maar beter het beste van maken. Maar hoe? Sandy, Mirjam en Ingeborg zijn tegenwoordig ware mondkapjesexperts en praten je bij vanuit Washington en New York.

Whaa-shing-ten, niet Whoh-sjing-tòn…!

‘Maa-ham, het is Whaa-shing-ten, niet Whoh-sjing-tòn…!’ Het is inmiddels twee en half jaar geleden dat we Houten verlieten om tijdelijk in het land van Trump te gaan wonen vanwege het werk van mijn man. Na 2,5 jaar spreken onze kinderen inmiddels vloeiend Amerikaans en zijn ook verder halve Amerikanen geworden. Onderling spreken ze vaak Engels en als wij een Engels woord gebruiken dan worden we negen van de tien keer verbeterd.

Het is een bijzondere ervaring, met je hele hebben en houden verhuizen naar een land met nieuwe gewoontes en gebruiken. Nieuwe school, nieuwe vrienden, nieuwe regels. Het vraagt heel wat van je aanpassingsvermogen.

En nu komt daar bovenop ook nog eens het coronavirus. Van onze plannen om weer eens een paar dagen naar New York te gaan is inmiddels al niets meer gekomen. Maar de kans dat we deze zomer onze familie en vrienden in Houten kunnen bezoeken is eigenlijk ook geminimaliseerd. We mogen nog wel vliegen (al kijk ik daar ook niet echt naar uit), maar de gevraagde twee weken in quarantaine maakt het weerzien eigenlijk onmogelijk.

Coronavirus

Ondertussen passen de kinderen zich opnieuw aan. Dit keer aan online les krijgen. Het is weer een heel nieuwe ervaring, al had ik deze wel willen missen geloof ik. Terwijl in Nederland de dochters van vriendinnen alweer dagen achter de computer les kregen, duurde het hier twee weken voordat er überhaupt nieuws kwam van de scholen. De noodtoestand die de gouverneur had uitgesproken, maakte dat de leraren nog geen toets mochten nakijken, laat staan huiswerk opgeven. Na die twee weken moesten de leraren eerst een aantal dagen wennen aan het nieuwe systeem. Toen moesten er chromebooks worden uitgedeeld aan gezinnen die geen computer hadden. Toen was het na een week weer springbreak, de voorjaarsvakantie, en nu ein-de-lijk begint het een beetje te lopen.

Geen autonomie

Cijfers krijgen de kinderen alleen niet meer is besloten. Je hebt een voldoende of een onvoldoende. Niet echt een stok achter de deur voor mijn zoon om er eens goed voor te gaan zitten. Mijn jongste dochter heeft een uur les per dag, hoewel die vandaag halverwege werd afgebroken door de juf omdat er iemand in de ZOOM meeting inbrak. Mijn oudste vertelt net lachend dat ze (het is donderdagmorgen) al haar huiswerk voor de hele week al af heeft en nu vier dagen gaat ‘chillen’.

Anders dan in Nederland wordt het lesmateriaal inhoudelijk bepaald op het county-niveau, zeg maar de gemeente. Elke public-school moet dus precies dezelfde voorgeschreven lesstof doceren. Autonomie hebben ze hier niet. Moeizaam vind ik het.

Op dit soort momenten verlangen we stiekem een beetje naar Nederland, waar het allemaal veel soepeler lijkt te gaan. Maar als ik dan vervolgens op onze veranda zit, temidden van de bloeiende azalea’s, de ontluikende bomen en het eindeloze groen, dan haal ik mijn schouders op. Het is hier zo slecht nog niet in ‘Whaa-shing-ten Die Cie’!

Deze column is eerder verschenen op HoutensNieuws.nl

De gevaarlijke gevolgen van de quarantaine in ‘the land of the free’

‘Weet je dat ik aanvankelijk dacht dat Nederlanders regels aan hun laars zouden lappen en dat Amerikanen behoorlijk gehoorzaam zijn. Hoe suf kon ik zijn? Een volk dat zijn eigen vrijheid hoger in het vaandel heeft dan die van zijn buur… onbegrijpelijk.’ Ik krijg een verontwaardigde app van een vriendin die in San Diego, Californië woont. Daar protesteren mensen omdat ze willen dat de stranden weer opengaan, zodat ze kunnen surfen en zwemmen. Steeds meer mensen komen in verzet tegen de maatregelen tegen de verspreiding van het coronavirus dat een steeds grimmiger karakter krijgt.

Een andere vriendin uit Florida stuitte op een dreigender protest. Op zondag liep ze in Delray Beach, een klein stadje in het zuiden van Florida waar ze dacht een rustige wandeling te kunnen maken. Ze schrijft:

In het centrum was het een lawaai van jewelste, auto’s reden luid toeterend door de straten. Uit de ramen die naar beneden waren gedraaid, staken (Trump-) vlaggen en dichte ramen waren voorzien van teksten als Honk for freedomQuarantine fake news not taxpayer’s en Keep America Open. Voorstanders joelden luid mee in hun enthousiasme.

Heil Whitmer

Nog beangstigender waren de beelden die ik zag op tv vanuit Michigan en Pennsylvania. Daar liepen mensen met wapens en borden met daarop teksten als Freedom is my medical conditionAmerica First en Heil Whitmer, daarmee verwijzend naar de Democratische gouverneur van Michigan die door Trump ‘half Whit’ (have gare) wordt genoemd. Interessant in dit verband is ook dat de Democratische presidentskandidaat Biden haar genoemd heeft als potentiële vicepresident.

Ondertussen zwaaiden de demonstranten met Amerikaanse en Trump 2020-vlaggen voor het regeringsgebouw. De 6 feet-afstand die voorgeschreven is, lapten ze onbezorgd aan hun laars. Ze werden toegesproken door een man die riep dat covid-19 niks anders was dan een griep en dat daarvoor niet de economie moet worden stilgelegd. Scary.

De meeste demonstranten willen maar een ding. Een einde aan de stay at home-orders en weer aan het werk. Ik snap ze wel. De afgelopen weken zijn er maar liefst 22 miljoen Amerikanen hun baan kwijtgeraakt. Sinds de Grote Depressie in de jaren dertig van de vorige eeuw waren niet eerder zoveel mensen werkloos in Amerika; anderhalf keer de beroepsbevolking van Nederland. Werkloos zijn in Amerika betekent dat je geen geld hebt voor een ziektekostenverzekering en de huur van je huis. En dat in coronatijd. Een nachtmerrie.

Liberate the free

In verschillende media verschijnen echter ook berichten dat rechts-radicalen van de pro-gun-beweging via het internet hun achterban oproepen zich tegen de maatregelen te verzetten. Zij sporen elkaar aan het virus te verspreiden door lichaamssappen in het gezicht van Joodse mensen en agenten te sprayen. Eerder hebben deze white supremacists in augustus 2017 geprotesteerd in Charlottesville, Virginia, waarbij een jonge vrouw is omgekomen doordat een auto op de tegendemonstratie inreed. Het uitblijven van een uitgesproken afwijzende reactie van Trump zien deze groepen als een endorsement, een aanmoediging.

De president gooide onlangs weer olie op het vuur. Hoewel – nota bene – zijn eigen maatregelen voorschrijven dat iedereen thuis moet blijven en in het sociale verkeer afstand moet houden, twitterde hij:

BEVRIJD MINNESOTA

gevolgd door

BEVRIJD MICHIGAN

en tot slot

BEVRIJD VIRIGINA en red jullie fantastische 2e amendement. Het ligt onder vuur!

Het is een levensgevaarlijke oproep tot verzet tegen drie – niet toevallig – Democratische gouverneurs. Door de oproep lijkt hij namelijk te suggereren dat de staten bezet worden door deze Democraten en dat het nodig is in opstand te komen om de bevolking te bevrijden. Ongekend.

Het is als olie gieten op een al smeulend vuur van groeiend rechts-radicalisme, grote werkloosheid, een groeiende kloof tussen arm en rijk en uitzichtloosheid. Een giftige cocktail, die zomaar zou kunnen leiden tot geweld of erger: een burgeroorlog. Trumps vicepresident Pence verdedigde de president, die alleen maar had willen zeggen dat hij zo snel mogelijk de economie weer wilde heropenen.

Let’s pray for the best

Toegegeven, het is een duivels dilemma. Zeker voor een president die zijn herverkiezing hoopte te verdienen door de uitstekend draaiende economie. Maar dat was voordat corona Amerika aandeed. Nu komt alles wat er mis is met Amerika aan het licht. En dat kon wel eens grote gevolgen hebben voor het land dat jaren lang een leider was in de Westerse wereld.

Ondertussen verstop ik me in ons fijne huis, zit ik mijn kinderen op hun nek voor hun online huiswerk, geniet ik van de ontluikende lente en proost ik op het leven met mijn vriendinnen – uiteraard via het internet. Afgelopen keer was de dresscode Tiger King. Zo kan ik de buitenwereld aardig buiten houden. Maar voor hoelang? Let’s pray for the best.

Deze blog verscheen eerder op hetanderamerika.nl

Is Donald Trump onze hoop in bange dagen?

Het lijkt eeuwen geleden dat ik aan de TV gekluisterd zat om de uitslagen te horen uit die vele staten op Super Tuesday. Maar het is nog maar een maand geleden. Een máánd! Wat is de wereld sindsdien ingrijpend veranderd. Het zijn niet meer de elections die het nieuws bepalen maar het coronavirus. De primaries hebben plaatsgemaakt voor persconferenties. Met president Trump in de hoofdrol.

Er is veel kritiek op deze dagelijkse nieuwsbijeenkomsten. CNN heeft zelfs overwogen om de dagelijkse persbriefing niet meer uit te zenden vanwege de vele onwaarheden die volgens de nieuwszender worden verkondigd.

De president leek in het begin te gaan voor een ontkenning van de ernst van COVID-19 (‘een hoax van de Democraten’). Toen poneerde hij de stelling dat ‘we kunnen het middel niet erger laten zijn dan de kwaal zelf’, in de hoop de beurzen weer omhoog te praten. Nu Amerika het grootste aantal besmettingen ter wereld heeft en het hoogtepunt nog niet is bereikt, heeft hij toch besloten om zijn wens met Pasen de kerken weer vol te hebben, te laten varen. In ieder geval tot eind april blijven de huidige maatregelen van kracht.

Waardering voor Trump

Ik had verwacht dat dit wispelturige gedrag een grote impact zou hebben op zijn approval rate – in negatieve zin dan. Maar dat is te Nederlands gedacht. De waardering voor zijn rol is de afgelopen twee weken met drie procentpunt gemiddeld toegenomen, van 43,3% naar 46,3%. Blijkbaar weet hij met zijn optreden mensen te overtuigen.

We kunnen het middel niet erger laten zijn dan de kwaal zelf.

Nu is het niet gek dat in tijden van crisis mensen zich achter hun leider scharen. Dat kan een verklaring zijn voor de stijgende cijfers. Maar het is nog te vroeg om te juichen voor Trump. Eerdere presidenten die met een grote crisis te maken hadden, maakten veel grotere sprongen. Zo steeg de waardering voor president Bush jr. na de aanslag op de Twin Towers met maar liefst 40% naar 90%.

Daar is overigens ook niet alles mee gezegd. Want na een steady herkiezing van Bush eindigende hij vlak voor de verkiezingen in 2008 met een kleine 25% approval rate toen de grote recessie inzette.

Herverkiezing

Gaat deze crisis hem helpen bij zijn herverkiezing? Dat is maar zeer de vraag. Donald Trump is de enige president in de geschiedenis die nooit een een hogere approval rate heeft gehad dan 50%, volgens het onderzoeksbureau Gallup. De geschiedenis leert dat dat weinig goeds belooft in het verkiezingsjaar.

Ondertussen is het wel oorverdovend stil vanuit de hoek van de Democratische presidentskandidaten Biden en Sanders. Een verdwaald verkiezingsspotje op tv, maar meer is het eigenlijk niet. In de peilingen liggen beide Democratische kandidaten nog wel voor op Trump. Misschien is het wel de beste strategie: stil zitten en hopen dat de geschiedenis vanzelf hun gelijk zal aantonen.

Cuomo-crush

Er is echter een mogelijke kaper op de kust. De Democratische gouverneur van New York Andrew Cuomo begint mateloos populair te worden. Ik heb eerlijk gezegd ook wel een beetje last van de Cuomo-crush. In zijn dagelijkse persconferenties toont deze man zich een ware warrior for the good cause.

Met een juiste dosis passie en gedrevenheid, trekt deze Italiaanse Amerikaan alles uit de kast om de mensen in zijn staat, die het hardst is getroffen van heel Amerika, te redden. Zelf 71% van de Republikeinen steunt deze gouverneur in zijn aanpak.

Hij is ook niet bang om Trump daarbij op felle toon aan te spreken. De strijd om de Democratische presidentskandidaat te worden is nog niet gestreden. Andrew Cuomo zou absoluut nog een kans kunnen maken. Er zijn immers nog genoeg kiesmannen te winnen. En hij heeft naast zijn dagelijkse prime time tv moment nóg een voordeel: hij is nog maar 62 jaar… Zelf zegt hij ondanks de enorme steun geen ambities te hebben. Never say never.

De wereld staat op zijn kop. De verkiezingen zijn pas in november. Een maand geleden nog maar was het Super Tuesday. Wie weet wat de toekomst brengt.

Voor nu: Stay safe and healthy!

Blijkbaar is de crisis nog niet diep genoeg

Vier glazen wijn, vier ZOOM vensters en een gezamenlijke cheers! De eerste virtuele verjaardag toost is een feit. Meteen erna een bijeenkomst via het internet met 28 medestudenten en vier docenten, over de cursus de komende drie dagen, die uiteraard ook virtueel gaat plaatsvinden. Veel wordt vloeibaar in deze tijd.

Maar hoe vrolijk het allemaal ook lijkt; we maken ons best wel zorgen. Als ex-pats ver van huis en familie. In een land met een onnavolgbare president. Waar wapens vrij verkrijgbaar zijn en tot de essentiële winkels worden gerekend. Waar gouverneurs smeken om landelijke coördinatie, omdat ze elkaar beconcurreren op de prijs van een mondkapje. Waar in New York City alleen al 196 mensen stierven en er in de staat ruim 26.000 mensen besmet zijn.

Naderend onheil

In onze hoofden een groeiend gevoel van naderend onheil. We lezen en (z)appen ons suf. Verschrikkelijke prognoses, politieke duidingen, verhalen van slachtoffers, maar ook hoopgevende beelden van zingende mensen op hun balkon, boodschappen voor de deur van de oude buurvrouw en grappige filmpjes. We kunnen geen rust vinden.

We maken ons grote zorgen over de kwetsbare mensen hier, het falende gezondheidssysteem, het zwalkende beleid van het Witte Huis. We horen van mensen die nog maar een maand geld hebben om van te leven, nu ze ontslagen zijn. Mensen zonder zorgverzekering of ziekteverlof die niet durven te zeggen dat ze ziek zijn. Kinderen die afhankelijk zijn van het eten wat de scholen verschaffen waardoor alleen daarvoor de scholen in mijn county nog open zijn. Ondertussen is de wapenverkoop is enorm toegenomen. Brace for impact…

Anticiperende rouw

Tussen alles wat ik las stuitte ik om een interview met David Kessler. Volgens Kessler, een vooraanstaande expert op het gebied van rouwverwerking staat die onrust die we collectief voelen voor rouw. We hebben het gevoel dat de wereld is veranderd en hoewel we weten dat deze situatie tijdelijk is, voelt het niet zo en we weten dat het ons voor altijd zal veranderen. Kessler vergelijkt het met het gaan naar het vliegveld dat na 9/11 voor altijd anders is.

Het is anticiperende rouw. Rouw die je voelt als iemand te horen heeft gekregen dat hij niet meer lang te leven heeft. Naderend onheil en je weet niet waar het vandaan zal komen. Dat doet wat met je gevoel van veiligheid. Mijn jongste van 9 jaar slaapt al weken elke avond bij ons op de kamer. Ik weet zelf nog zo goed dat toen ik zo oud was als zij hoe de kernwapenwedloop mij uit de slaap hield. Zo bang, dat ik het nu nog kan voelen. Op welke nieuwe wereld moeten we ons voorbereiden?

Rouw kent verschillende fasen volgens Kessler. Ontkenning: Dit virus zal ons niet te pakken krijgen. Boosheid: Hoe heeft dit zover kunnen komen? Onderhandelen: Ok, als we nu nog twee weken binnen blijven, kunnen we met Pasen weer naar buiten? Verdriet: Hoe heeft het zover kunnen komen en gaat dit aflopen? En acceptatie. Ok, ik kan mijn handen wassen. Ik kan afstand houden. Ik kan gezond leven proberen te leven. En daar, zegt Kessler zit onze kracht. Het gevoel in alle onzekerheid en onveiligheid toch iets van te vinden van controle. Grip.

Blijkbaar is de crisis nog niet diep genoeg

Het laatste stadium van rouw is volgens Kessler: het zoeken naar betekenis. Maar welke betekenis? Zal dit de tijd zijn waarin het individualisme gekeerd wordt? Waarin we kiezen ons terug te trekken uit de ratrace? Gaan we gevoed door het vele samenzijn meer tijd voor elkaar nemen, voor bezinning, voor rust? Ontdekken we dat het best wat minder kan met die mobiliteit? Ik weet het niet. We zijn pas zo kort onderweg.

Voorlopig zijn de schappen hier nog leeg, staan er rijen voor de wapenshop en zijn er bedrijven die flinke winst hopen te halen uit de ellende van een ander. En de twee partijen die hier het land moeten besturen kunnen het na weken maar moeizaam eens over worden over hoe het geld besteed moeten worden. Blijkbaar is de crisis voor hen nog niet diep genoeg. En moet het rouwen voor hen nog beginnen.

Dat nieuwe normaal, hoe normaal is dat?

Ik loop haar tegen het lijf op de universiteit. We stellen ons aan elkaar voor. Ze vertelt dat ze werkt voor de Republikeinse Partij. Wacht. Deze leuke, slimme en empathische jonge vrouw, werkt voor de partij van Trump?

Het zegt weinig over haar, maar des te meer over mij. In mijn hoofd heeft zich blijkbaar een plaatje gevormd van mensen die voor en tegen Trump zijn. En zij past er niet in. Trump-aanhangers zijn mannen met een cowboyhoed op, een revolver aan de riem en een federatie-vlag in het veld voor hun huis en niet voor enige reden vatbaar. Oké, ik overdrijf, maar toch.

Wie zijn deze Trump-stemmers?

Maar het triggert me wel. Wie zijn deze Trump-stemmers? In de blauwe bubbel waar ik leef, waar slechts vier procent voor Trump als president stemde in 2016 , kom ik ze niet bepaald dagelijks tegen. Ik wil begrijpen wat hun drijfveren zijn. Waar komen ze vandaan? Hebben we iets gemeen? Was ik misschien ook Republikein geweest als ik hier was geboren? Hoe verklaren zij de polarisatie die dit land in de greep heeft?

Ik probeer van alles om in contact te komen met deze anders-dan-ik-denkenden. Vanavond ga ik met een vriendin naar een bijeenkomst van Better Angels. Een groeiende beweging die door heel Amerika heen Republikeinen en Democraten met elkaar in gesprek brengt, om meer begrip voor elkaars standpunten te krijgen. Aan de rode (Republikein) of blauwe (Democraat) naamsticker zijn ze te herkennen.

De NRA-man die ik tegenkom op deze bijeenkomst verloor een vriend aan zelfmoord met een wapen. De zoon van de Brit werd ernstig gewond bij de schietpartij op Virginia Tech in april 2007.

Wapengeweld

Vanavond gaat het over wetten in de staat Virginia, waar dit debat plaatsvindt, om wapengeweld tegen te gaan. Een onderwerp dat altijd veel emoties oproept. Het kerkzaaltje is voor driekwart gevuld. Ik zie weinig jonge mensen. Als ik naar mijn plaats loop stop ik in mijn hoofd automatisch mensen in een rood of blauw hokje. Maar een blik op de sticker laat zien dat ik er vaak naast zit. Mijn sticker is blanco.

De voorstander in het debat is een breedgeschouderde man die voor de NRA, de ‘vakbond’ voor wapenbezitters in Amerika, werkt. Hij heeft duidelijk vaker dit soort debatten gevoerd en werpt met veel schwung en bravoure zijn feiten en gedachten het publiek in.

De tegenstander is een van oorsprong Engelse heer, die op bescheiden toon en met een stiff upperlip de andere kant van de zaak vertelt belicht. Beiden hebben hun persoonlijke geschiedenis met wapens. De NRA-man verloor een vriend aan zelfmoord met een wapen. De zoon van de Brit werd ernstig gewond bij de schietpartij op Virginia Tech in april 2007.

Een grijs gebied

Ik ben al lang opgeschoven in het debat over wapenbezit sinds ik hier woon. In dit uitgestrekte land waar de politie niet in een kwartier bij je huis kan zijn, is het een veilig idee dat je je gezin kunt beschermen tegen wilde dieren of mensen die het op jou of jouw bezittingen hebben voorzien.

Maar er is een heel grijs gebied tussen hoe je dat bezit dan reguleert. Hoe weet je of iemand misschien psychisch in de war is als hij een wapen koopt? Mag je met een wapen over je schouder zomaar over een farmers market lopen? En waarom zou de overheid dat eigenlijk mogen bepalen?

Debat dat geen debat mag heten

Over deze vragen gaat het ‘debat’, want debat mag het eigenlijk niet heten. De heren houden een betoog en vervolgens wordt een vraag voorgelezen van het kaartje dat we hebben mogen inleveren. Die vraag moeten dan binnen 2 minuten beantwoorden. Ik vraag me af of ze bang zijn dat het debat anders zou ontsporen.

De NRA man is – uiteraard – voor zo’n minimaal mogelijke bemoeienis van de overheid met de wapenbezitter. Het is het recht van elke Amerikaan, vastgelegd in het 2e amendement om een wapen te mogen bezitten om zijn familie en bezittingingen te verdedigen.

‘Wil je al die 100 miljoen Amerikanen die 400 miljoen wapens bezitten en zich trouw aan de wet houden dat recht ontnemen? De meeste ongelukken gebeuren immers door criminelen die illegale wapens hebben. We willen geen patchwork deken aan regels waarbij je postcode bepaalt wat je wel of niet mag.’

De correlatie tussen wapenbezit en het aantal dodelijke slachtoffers wuift hij weg: ‘Je kunt dat niet zo zeggen, er spelen altijd zoveel zaken. Bovendien gaan er meer mensen dood door andere wapens dan door geweren.’

De Engelsman schiet gaten in de redenatie. Het tweede amendement is nooit bedoeld waarvoor de NRA het gebruikt. Het is ooit ingesteld om mensen te kunnen bewapenen om te vechten tegen de Engelsen toen er nog geen leger was.

De Engelsman vindt juist dat de overheid regels moet stellen. Het is te makkelijk om aan een wapen te komen zonder dat iemand achtergrond gecheckt moet worden bijvoorbeeld. En waarom zou je met een machinegeweer demonstratief over je schouder over de markt moeten lopen?

Ik hoor geen nieuwe dingen en ik vraag me af hoe dit nu echt bijdraagt aan een betere verstandhouding over en weer.

Nieuwe normaal

Het wordt eigenlijk pas echt interessant na het debat, als een jonge vrouw achter ons mij op de schouder tikt. ‘Ik waardeer het echt enorm dat jullie hier zijn!’ Uit haar sticker blijkt dat ze Democraat is. Ze is al langer bezoeker van de avonden die deze club organiseert.

Ik onderdruk de neiging om in debat te gaan, omdat ik me realiseer dat zij waarschijnlijk hetzelfde van mij zou kunnen denken: waarom zou ik als buitenlander een mening moeten hebben over wat er in haar land gebeurt?

We vragen haar hoe ze de polarisatie in dit land verklaart. ‘Het is Trump. Hij is zo extreem in zijn taalgebruik. Zijn gedrag creëert a new normal. Hij valt de pers voortdurend aan waardoor mensen gaan twijfelen aan feiten. Iedereen trekt zich daardoor steeds meer terug in zijn groep gelijkgestemden. Dat versterkt hun eigen mening en maakt het verschil steeds groter. Ik hoop dat hier bij deze bijeenkomsten de kloof kleiner wordt door begrip te kweken voor elkaars meningen en erover in gesprek te gaan.’

Een Republikein over de Brexit

Ineens schuift een elegante oudere dame aan. Haar gezicht mooi in de make-up, korte blonde coupe en smaakvol gekleed. Ik scan meteen haar naamsticker: rood. Benieuwd waarom zij hier is.

Maar voordat ik die vraag kan stellen vuurt ze de vraag op ons af wat we van de Brexit vinden. Een beetje overrompeld mompel ik iets over dat ze er nog wel spijt van zullen krijgen. Als een schooljuf doceert ze: ‘Heb je de speech van Boris Johnson gezien? Nee? Nou dat moet je doen, dan snap je het wel.’

Ik ben beetje perplex. Een Amerikaan die mij gaat vertellen wat ik van iets moet vinden van wat er in Europa gebeurt? Ik onderdruk de neiging om in debat te gaan, omdat ik me realiseer dat zij waarschijnlijk hetzelfde van mij zou kunnen denken:  waarom zou ik als buitenlander een mening moeten hebben over wat er in haar land gebeurt?

Alles is politiek…

De dame vertelt dat ze van Scandinavische afkomst is, Zweedse opa en Deense oma. In haar blonde haar, scherpe gelaatstrekken en lange gestalte herken ik iets terug van haar Europese voorouders. Het schept een band. Ze vertelt dat ze grote moeite heeft met een overheid die in haar ogen een steeds grotere greep op de samenleving probeert te krijgen. ‘We verliezen onze vrijheid. Dat is waar Amerika op is gebouwd!’

We vinden elkaar in onze verbazing over de vele toestemmingsformulieren die je moet invullen als je kind 100 meter van school een project doet of naar een kinderfeestje gaat. Over de kramp waarmee ouders hier met hun kinderen omgaan. Zomaar op straat spelen is er vaak niet bij. Je loopt het risico als kind en ouder opgepakt te worden. Onbegrijpelijk. ‘Ik heb mijn kinderen, denk ik, goed opgevoed, want ze wonen inmiddels door heel Amerika!’

Dan vragen we haar wat haar verklaring is voor de polarisatie in dit land. Ze wordt fel. ‘Het is de schuld van de media. Die geven een valse weergave van de werkelijkheid, van wat Trump doet.’ Ze noemt allerlei voorbeelden die haar gelijk moeten bewijzen. Klimaat, de impeachment-procedure. Ik zwijg.

Post-truth tijdperk

Het bijzondere van deze twee vrouwen is dat ze feitelijk, hoewel diametraal in hun opvatting over Trump en waar het met dit land heen moet, hun afkeer van de media delen. De media die in hun ogen de polarisatie voedt.

Laatst zag ik de documentaire America’s Great Divide, een aanrader. Deze tweedelige serie probeert een verklaring te vinden voor het ontstaan van deze enorme kloof die dwars door de samenleving loopt.

In de documentaire wordt ook gesproken over het post-truth tijdperk: een tijd waarin het inspelen op de emoties en persoonlijke overtuigingen van de publieke opinie grotere impact heeft dan het inbrengen van objectieve feiten. Het gaat er dus niet om wat, maar vooral hoe je het zegt. Feiten zijn niet meer zo relevant.

De opkomst van internet speelt een grote rol. Daar floreren in hoge snelheid niet gecheckte stellingen die zo verworden tot alternatieve feiten: alternative facts. Je hoeft alleen maar even op Twitter te kijken hoe dat werkt…

Niet alleen via de social media gebeurt het. Ik zie ook op de diverse media-zenders, van CNN tot Fox News hoe zij proberen in te spelen op de emoties van mensen meer dan feiten. De zichtbaar getergde anchorman van CNN die zijn irritatie niet onder stoelen of banken steekt alsof hijzelf wordt geschoffeerd, als de resultaten bij de caucus in Ohio niet door komen. Of hoe er over klimaatverandering wordt gesproken bij FOX. Het zijn maar een aantal voorbeelden, maar nergens heb ik een meer verdeelde pers gezien dan in dit land.

Maar politiek is ook niet alles…

De beweging van Better Angels groeit. De organisatie is inmiddels actief in 50 staten. Blijkbaar is er behoefte aan een plaats waar men op een respectvolle en overwogen manier op basis van feiten met elkaar kan spreken en elkaar probeert te begrijpen. Dat geeft hoop in deze verdeelde wereld.

Het is ook wat deze twee vrouwen hier brengt: een verlangen om weg te komen uit de gespletenheid in dit land. We wisselen adressen uit. Wie weet ga ik nog wel een keer een kop koffie drinken met een van hen.

Wederom leer ik dat alles politiek is, maar politiek ook niet alles is. Iemand is meer dan haar politieke voorkeur. Soms zijn mensen ook gewoon aardig en slim. Zoals die jonge vrouw op de universiteit. Tijd voor mij om wat hokjes te sluiten.

Welke Republikein durft het op te nemen tegen Trump?

‘Vrouwen kunnen de presidentsverkiezingen niet winnen.’ Dat zou Bernie Sanders, een van de koplopers in de verkiezing van de Democratische presidentskandidaat gezegd hebben. De woorden vielen tijdens een gesprek in 2018 met Elisabeth Warren, een andere top-kandidaat. Een spin uit het kamp-Warren om de rivaliteit tussen deze twee kandidaten, die tot voor kort als bondgenoten in het linker kamp elkaar uit de wind hielden, op te poken.

Het begint er blijkbaar om te spannen. En dan schuift de scheidslijn van wat als ‘behoorlijk’ wordt gezien en wat niet gemakkelijk op. Binnenkort is immers de eerste caucus, de stemming onder Democratische delegates over wie de presidentskandidaat gaat worden. En de winnaar gaat het opnemen tegen president Trump.

Maar terwijl ik zat te kijken naar het laatste debat, vroeg ik me af hoe het eigenlijk zit met de Republikeinse presidentskandidaten? Zijn er mensen die het op durven te nemen tegen Donald Trump? De populariteit van Trump onder zijn eigen achterban is extreem hoog. Volgens een peiling van YouGov steunt maar liefst 88% van de Republikeinen hun president. Het is dus zeer waarschijnlijk dat Trump de kandidaat zal worden voor de Republikeinen en – mark my words – op 20 januari 2021 opnieuw de bewoner zal worden van het Witte Huis.

En toch zijn er bravehearts die het aangaan. Drie blanke mannen van boven de vijftig. Ik stel ze even voor.

Joe Walsh

Joe Walsh op Facebook

De eerste die bekendmaakte dat hij het wilde opnemen tegen Donald Trump was Joe Walsh. Hij is lid geweest van het Huis van Afgevaardigden namens Illinois en was tot voor kort de presentator van een conservatieve radioshow. Als voormalig lid van de Tea Party, een rechtse groep binnen de Republikeinse Partij, staat hij bekend om zijn libertaire en conservatieve opvattingen. De Tea Party waarvan Sarah Palin (de running mate van de Republikeinse presidentskandidaat John McCain) een belangrijk gezicht was.

Van Walsh moeten de belastingen omlaag, is de zorgverzekering alleen voor degenen die het echt nodig hebben en hij is sterk voorstander van het Tweede Amendement (het recht om een wapen te hebben). Opvallend is dat hij fel is over het uit elkaar halen van families bij de Mexicaanse grens, een wat a-typische opvatting voor deze rechtse Republikein.

Ook staat hij bekend om zijn in your face-stijl. Zo noemde hij Obama een enemy of the state en a muslim. Tijdens de verkiezingscampagne in 2012 bekritiseerde hij zijn Democratische tegenstander Tammy Duckworth, een oorlogsveteraan die haar beide benen verloor tijdens de oorlog in Irak. Hij vond haar geen true hero. Echte helden zouden zich niet laten voorstaan op wat ze hebben gedaan, aldus Walsh. Opmerkingen die hem op veel kritiek kwamen te staan.

Ook staat hij bekend om zijn in your face-stijl. Zo noemde hij Obama een enemy of the state en a muslim.

Deze dagen is hij bezig met een strijd tegen de RNC, de Republikeinse Partij, die volgens hem ‘de democratie aanvalt’. In 20 staten is besloten geen Republikeinse primaries te houden. Volgens Walsh is het ondenkbaar dat kiezers niet kunnen stemmen nu de president in het ene na het andere schandaal is verwikkeld. Wordt vervolgd.

Mark Sanford

Mark Sandford op Facebook

Dan Mark Sanford. Ook oud-lid van het Huis van Afgevaardigden namens South Carolina en oud-gouverneur van deze staat. Hij wordt gezien als een ‘financiële havik’ en degene die het meeste oog heeft voor het bedrijfsleven. Hij vraagt aandacht voor de toename van de schuld, de tekorten en de overheidsuitgaven. Volgens Walsh stevent Amerika af op de grootste financiële storm sinds de Grote Depressie in de jaren dertig van de vorige eeuw.

Hij haalde in 2009 het nationale nieuws toen hij een paar dagen van de radar was. Hij zou de Appalachian Trail lopen, een lange afstandsroute die van Maine naar Georgia loopt, naar eigen zeggen. Maar hij bleek ondertussen bij zijn minnares in Argentinië te zitten. Een daad die hem zijn huwelijk kostte, maar uiteindelijk niet verhinderde om alsnog gouverneur te worden en nu dus een van de drie tegenkandidaten van Donald Trump.

Bill Weld

Image may contain: 1 person, closeup
Bill Weld op Facebook

Dan de laatste: Bill Weld. Oud-gouverneur van Massachusetts. Een sociaal-liberale Republikein uit New England. Bij de vorige verkiezingen was hij de vicepresidentskandidaat voor de Libertarische Partij. Zijn agenda laat zich samenvatten in de woorden ‘voor een overheid die uit onze portemonnee blijft en uit onze slaapkamer’.

Hij is voor abortus en huwelijken tussen mensen van gelijk geslacht, legaliseren van marihuana en voor het weer aansluiten bij het klimaatverdrag van Parijs. Voor wat betreft fiscaal beleid: minder belasting en minder overheidsuitgaven. Hij wordt gezien als degene die de meeste kiezers kan trekken uit de groep van sceptische Republikeinen die voornamelijk in de steden en voorsteden wonen.

Trump van de troon stoten

Alle drie de kandidaten hebben gemeen dat ze zich naast kritiek op het beleid van Trump opstellen tegen de stijl van deze president die volgens hen zorgt voor verdeeldheid en politieke patstelling. Sanford heeft openlijk kritiek op de twitterende president, die hij verwijt dat grote problemen die Amerika heeft niet worden opgelost door tweets.

Alle drie de kandidaten hebben gemeen dat ze zich naast kritiek op het beleid van Trump opstellen tegen de stijl van deze president die volgens hen zorgt voor verdeeldheid en politieke patstelling.

Daarmee is meteen ook hun motivatie duidelijk gemaakt. Zij willen een discussie opstarten over de richting van de Republikeinse partij, die in hun ogen te veel achter de president aanloopt. Met deze boodschap zullen ze ongetwijfeld weifelende kiezers aanspreken, maar volstrekt onvoldoende om Trump van de troon te stoten.

Zolang echter de Democratische presidentskandidaten elkaar vliegen afvangen met wat wel en niet gezegd is over een vrouwelijke president en de Democraten geen overtuigend breedgedragen alternatief kunnen bieden voor de huidige president, lacht Donald Trump in zijn vuistje. Die twittert zich gewoon weer op 20 januari 2021 het Witte Huis in, voor een nieuwe periode van vier jaar als president van Amerika.

Deze column verscheen ook op hetanderamerika.nl