Adrenaline restjes…

Ik zit voor de openhaard, heb drie regels gelezen en mijn gedachten zijn al weer elders. Mijn hoofd is een machine die continu ‘zou moeten’s’, ‘wil nog doen’s’, en ‘mag niet vergeten’s’ uitspuwt. En dan ben ik dus vertrokken van dat prachtige boek dat ik ook nog ‘moest’ lezen.

 

Het lijkt wel of het de laatste jaren steeds lastiger is met aandacht te lezen. Ik ben gewend geraakt teksten te scannen op zoek naar de hoofdlijn. Ondertussen even mijn telefoon te checken op nieuwe berichtjes. En door… Maar dat verdraagt zich niet met een boek echt lezen. Dus leg ik het maar weer weg. Met enorm schuldgevoel.

 

Want hoe bizar is het? Er is niets heerlijkers dan wegdrijven in een wereld met nieuwe beelden en gedachten, gevoelens en ideeën.

Ik herinner me hoe ik als achtjarig meisje wekelijks naar de bibliotheek fietste om nieuwe boeken van “De Vijf” te halen. Ik kon de spanning alleen aan door te beginnen met het lezen van het einde. Ik weet nog hoe ik dan vervolgens zwierf over de heuvels van de Engelse landschap, mee rende met de hond Timmy, mijn adem inhield als de mannen ons bijna ontdekten op onze verstopplaats. Meestal was ik, tomboy zijnde, ja echt!, George, die eigenlijk Georgina heette. En soms Anne, het meisje in de groep, die de meest huiselijke was van de vier. Ik kon echt verdwijnen in deze serie en las minstens een boek per week.

 

Later in mijn pubertijd spelde ik ‘het verloren leven’ van Etty Hillesum. Ik vond exemplaar onlangs bij het uitruimen van de verhuisdozen. Vol met uitroeptekens, mijn eigen commentaar en onderstrepingen. Ik had het gevoel met iets ‘zinnigs’ bezig te zijn.

 

Nu heb ik verschillende boeken op mijn nachtkastjes liggen of in mijn Kobo-reader open staan. Politieke must-reads, Amerikaanse literatuur of wat me dan ook maar interessant lijkt. Ik lees ze door elkaar, al naar gelang mijn stemming, maar vooral mijn rust. En soms lees ik er eentje uit.

 

En daar zit het nu precies. Juist nu ik de luxe van uren van tijd voor mezelf heb, blijf ik onrustig schuiven met dat boek op mijn schoot. Want er zijn ook nog zoveel andere zaken te doen of denken. Of ik houd mezelf voor dat ik te moe ben. Morgen…

 

Misschien is het nog steeds een restje kolkende adrenaline die door mijn lijf trekt. Restant van een druk en werkzaam leven. Dat maakt dat ik me rusteloos blijf voelen. Alsof het nutteloze tijd is, stil te zitten in een stoel met een boek op je schoot. Niet dus.

 

Het is een enorme verarming. Ik snak naar meer diepte in mijn leven, meer beschouwing. Naar nieuwe ideeën en visies. Naar dichterbij de kern komen. Mezelf uitvinden. Als ik daar ooit te tijd voor had, dan wel nu. Hier op een moment dat ik even niets ‘moet’. Ik hoor het mijn vriendinnen zeggen, met enige jaloezie in hun stem, dat ook nog. En ze hebben gewoon gelijk.

 

Advertenties

De gezichten van D.C.

Stel: je ontmoet een Nederlandse vrouw bij de Trader Joe, je favoriete supermarkt. Zij blijkt net als jij, tijdelijk met manlief naar Washington D.C. te zijn verhuisd. Je blijkt veel gemeen te hebben. Niet in de laatste plaats: zeeë van tijd!

Dus verken je al koffiedrinkend, fietsend, wandelend, sportend, speurend naar ontontdekte plekjes, waar iets bijzonders te zien is, of waar ze gewoon goede koffie en eten hebben de stad van Trump. En zo ga je van een stad houden die zoveel meer is dan de politieke hoofdstad. Je besluit, dat meer mensen dat moeten weten, dus je trekt de stoute schoenen aan en plugt het idee om een artikel te schrijven. Het FD was meteen enthousiast. En dus stond afgelopen weekend ons artikel in het FD Persoonlijk. Een ode aan de onbekende kanten van D.C. voor de mensen die ook eens op andere plekken dan de National Mall willen komen. En een ode aan de vriendschap tussen die twee Nederlandse vrouwen.

Hier kun je hem lezen:

De gezichten van Washington D.C.

Wie zei dat het leuk zou worden…?

Ze hadden ons gewaarschuwd. Het eerste jaar is vaak ook niet leuk. We wisten het, maar toch tonen de verwachtingen in je hoofd andere scenario’s. Beelden waarin de kinderen ons lachend vragen waarom we deze stap niet eerder hadden gezet. En vragen wat we dit weekend nu weer aan interessante dingen gaan bekijken en ontdekken. Not.

 

De kinderen, en met name de puber, blijken met gemak nog met een been, of misschien zelfs wel anderhalf in Nederland te staan. Ook al zit er acht uur vliegen en zes uur tijdsverschil tussen. De groepsapp van groep 8 pingt ’s avonds met regelmaat (middernacht in Nederland). Er wordt wekelijks gefacetimed met vriendinnen uit de middelbare schoolklas om de puber op de hoogte te houden van het wel en wee van school. En dan heb ik het nog niet eens over de appjes die gedurende de middag en avond over en weer worden gestuurd in een soort geheime taal waar elke klinker verdubbeld wordt.

 

Ik herinner me nog mijn reis met drie vrienden op mijn 18e jaar (ver voor het digitale tijdperk) in een auto die een vader had gekocht waarmee we om het Iberische schiereiland reden. Een keer in de drie dagen werd ik geacht naar huis te bellen. Dat deed ik met tegenzin om vooral gezeur te voorkomen. En in die paar minuten kon je toch niet zo veel vertellen. Het los zijn en de vrijheid bevielen me prima. En de brief die jaar naar die verre tante stuurde in Australië dan deed deze er zeker een week over. Weg was ook echt weg. Contact leggen kostte veel meer tijd en had een andere lading. Je huis live laten zien via de camera van je IPhone was er niet bij.

 

Als je nu afscheid neemt op Schiphol, kun je als je de gate doorloopt nog even Face timen of een appje sturen. En als je geland bent weer. Er is eigenlijk geen afstand meer. Afscheid bestaat niet. En dat is dus wel een beetje dubbel.

 

Zeker als je moet wortelen op een nieuwe plek met nieuwe mogelijkheden en nieuwe vriendschappen. Dat vraagt om een onderzoekende houding, om nieuwsgierigheid. Om een sprong in dat nieuwe leven. Maar springen is lastig als je nog zo vast zit aan de banden van waar je vandaan komt. Banden die, elke keer als je zou moeten springen, je weer terugtrekken.

 

Alhoewel, de rek gaat ook wel een beetje uit in de loop van het jaar. En dan zijn er nieuwe banden nodig. En zo gelukkig ontstaat er langzaam een veelkleurig netwerk aan relaties, met sleep over’s all over the place. Met – ook weer – hun eigen app-groepen in verschillende talen.

 

Het eerste jaar is voorbij. Nog steeds is het niet altijd leuk. Maar inmiddels wel leuker dan de afgelopen maanden. Het wachten is nu nog op een bedankje van onze kinderen voor dit geweldige avontuur.

 

Who said it was going to be fun?

They had warned us. The first year is often not fun. We knew it, but the expectations in your head show other scenarios. Images in which the children ask us why we had not taken this step before. And ask which interesting new thing we are going to discover this weekend. Not.

The children, and in particular the adolescent, can easily be found with one leg, or maybe even one and a half in the Netherlands. Even though there is eight hours of flying and six hours of time difference. The group-app of grade 5 texts at regular intervals in the evening (midnight in the Netherlands). There is weekly face timing with friends from the high school class to keep the adolescent informed of the ups and downs of school. And I’m not even talking about the text messages that are being sent back and forth in the afternoon and evening in a secret language where each vowel is doubled.

I still remember my trip with three friends at the age of 18 (far before the digital age) in a car that a father had bought with which we drove around the Iberian Peninsula. Once every three days, I was supposed to call home. I reluctantly did this to prevent nagging. And in those few minutes, you could not tell so much. Being free and freedom was fine. And the letter that year, sent to that distant aunt in Australia, it certainly took a week. Away was really away. Making contact took much more time and had a different charge. Showing your home live via the camera of your iPhone was impossible.

If you had said goodbye at Schiphol, you could still Face time or send a text when you walked through the gate. And when you’d landed, again. Distance has become a new dimension. Farewell does not exist. And there are two sides to that.

Especially when you have to root in a new place with new possibilities and new friendships. This requires an inquiring attitude, curiosity. To jump into that new life. But jumping is difficult when you are so tied to the place where you used to live. Ties that, every time you have to jump, hold you back.

Although, the stretch also goes a bit out during the course of the year. And then new tires are needed. And so happily a multicolored network of relationships slowly arises, accompanied with sleep over’s all over the place. And – again – their own app groups in different languages.

The first year is over. Still, it is not always fun. But now more fun than the past months. The wait is now on a thank you from our children for this great adventure.

Chicken run

Naast mijn bord havermout valt mijn oog ineens op een foto van president Trump. Hij staat middenin zijn kamer in het Witte Huis. Triomfantelijk strekt hij zijn handen met een haast zegenend gebaar uit over tientallen bakjes met hamburgers in rijen gerangschikt van een aantal bekende ketens in de VS. De keuken van het White House zit namelijk dicht. Vanwege de shutdown. En hij krijgt sporters op bezoek. We schrijven inmiddels dag 26. De langste sluiting van de federale overheid ooit.

 

De impasse begint op een chicken run te lijken. Wie durft het langst vol gas door te rijden? De Democraten geven geen krimp. Toen Trump een aantal gematigde Democraten wilde uitnodigen voor de onderhandelingen werd daar door de partij snel een stokje voor gestoken. Aan de andere kant heeft Trump zich zo ingegraven met betrekking tot zijn muur dat daar ook geen concessie meer mogelijk lijkt.

 

Ondertussen heeft de shutdown meer geld gekost dan de bouw van de muur zou kosten begreep ik. Plus niet te vergeten het menselijke leed. 800.000 mensen moeten het voorlopig zien te stellen zonder inkomen. In de krant staan elke dag schrijnende artikelen over de impact die de stillegging van alle overheidsdiensten heeft op de gewone man.

Veel mensen hebben geen buffer voor dit soort omstandigheden. Dus moeten ze schulden maken. Dus gaat hun kredietbeoordeling omlaag. Dus moeten ze gaan bij lenen. Dus moeten ze meer rente gaan betalen over de lening. En zo gaat het van kwaad tot erger.

Sterchef Jose Andres is inmiddels een actie gestart #ChefsForFeds om gratis maaltijden te verschaffen aan ambtenaren van de federale overheid. De rijen zijn lang.

 

Het overleg zit dus muurvast. En dat is voor deze expat vrouw ook balen. Want omdat de temperatuur buiten onder nul is zou het heerlijk zijn om juist nu in alle rust de musea van DC te kunnen bezoeken zonder drommen toeristen. Ok, het is een luxeprobleem. Maar toch:-)

 

Ondertussen lees ik dus maar de krant en vraag me bij de foto eigenlijk vooral af of de sporters die burgers, frietjes en pizza’s wel gaan eten. Ze zijn vast koud na dat uitgebreide opstellen en poseren van de president. Maar daar zal het ook vast niet om gegaan zijn. Trump staat er weer mooi op. Make Amerika great again. De rest is bijzaak. Op naar dag 27.

 

Chicken run

Beside my plate with oatmeal, I suddenly notice a picture of Trump. He stands in the middle of his room in the White House. Triumphantly he stretches out his hands with an almost blessing gesture over dozens of trays of hamburgers arranged in rows of a number of well-known chains in the US. The kitchen of the White House is closed. Because of the shutdown. And he gets athletes to visit. We are now writing day 26. The longest closure of the federal government ever.

The stalemate starts to look like a chicken run. Who dares to drive full throttle for the longest time? The Democrats do not give a shrink. When Trump wanted to invite a number of moderate Democrats to the negotiations, the party quickly put a stop to it. On the other hand, Trump buried himself so closely in relation to his wall that no concession seems possible.

Meanwhile, the shutdown cost more money than the construction of the wall would cost. Plus not to mention the human suffering. 800,000 people have to see it for the time being without an income. In the newspaper every day there are poignant articles about the impact that the shutdown of all government services has on the average man. Many people have no buffer for this type of circumstances. So they have to make debts. So their credit rating goes down. So they have to go borrowing. So they have to pay more interest on the loan. And that’s how it goes from bad to worse. Star chef Jose Andres has now started an action #ChefsForFeds to provide free meals to officials of the federal government. The rows are long.
The consultation is therefore firmly in place. And that is also bales for this expat woman. Because the temperature is below zero, it would be wonderful to be able to visit the museums of DC right now without crowds of tourists. Ok, it’s a luxury problem. Yet:-)

In the meantime, I am reading the newspaper, and in particular, I ask myself at the photo whether the athletes will eat those burgers, fries, and pizzas. They are probably cold after that elaborate drafting and posing by the president. But it certainly will not have gone wrong. Trump looks beautiful again. Make America great again. The rest is a side issue. On to day 27.

 

Happy New Year

31 december, 24.00 uur, 2017. We wensen elkaar gelukkig nieuwjaar. Zonder oliebollen want de mix zit nog op de boot die onderweg is naar ons huis. Het is rustig. Geen sms-jes met dronken berichtjes. Die kwamen zes uur geleden.

Ik loop naar de voordeur en kijk ongelovig naar buiten. Doodse stilte. Geen enkele knal, geen vonkende lichtjes, geen buurvrouw met rode wangen die haar champagneglas omhoog houdt om te toosten. Alleen een verdwaalde vos die even stilstaat bij de boom en me aanstaart. Happy New Year.

Als je in het buitenland woont realiseer je je pas hoe Nederlands je bent. De hele wereld steekt toch vuurwerk af op Oudejaarsavond? En wenst op straat de buren een gelukkig nieuwjaar? Niet in onze Amerikaanse buurt. Mijn zoon van 9 is zwaar gefrustreerd.  Hij had net vorig jaar kennis gemaakt met de lol om om twaalf uur vuurwerk af te steken. ‘Er is helemaal niks aan zo!’ Diepe teleurstelling. En hij kan ook nog niet niet eens zijn vriendje in Nederland bellen. En ik voel met hem mee. Dat moet volgend jaar anders.
Een jaar lang kijkt hij er naar uit. Het liefst had hij in de zomer vuurwerk uit Nederland meegenomen in de koffer. Het is maar moeilijk duidelijk te maken dat gaat dus niet kan. Dan maar op zoek naar vuurwerk bij ons in de buurt.
Manlief verdwaalt op internet in de wetgeving rondom het afsteken van vuurwerk. Het mag niet bewegen, niet hoger zijn dan zoveel inch. Het mag niet knallen. De wetgeving verschilt ook nog eens per county. Zo mag je in onze county niet eens sterretjes afsteken. Zo kan het dus ook…
Drie dagen van te voren stappen daarom man en kind in de auto om anderhalf uur te rijden naar een zaak twee staten verderop die echt vuurwerk verkoopt. Het hele jaar open. Manlief plaatst de bestelling vast per internet want dan hoeven ze niet zo lang te wachten. Na lange bestudering van alle filmpjes van het vuurwerk op de site door de zoon. Anderhalf uur later rijden ze een compleet verlaten parkeerterrein op en lopen ze een doodstille winkel in waar verkoper komt toegesneld. Waar kan dit bedrijf van bestaan?
Glimmend van trots komt zoon met het gekochte pakket onze voordeur binnenlopen. Hij kan zijn geluk niet op. Hij besluit een indeling per uur te maken van wat hij wil aansteken. Tijdschema’s in hanenpoten worden met de verpakking in de betreffende tassen gestopt. Drie dagen lang stuitert hij door het huis pratend over het treintje, de rookbommen en de sierfonteinen.

Als het dan eindelijk Oudjaarsavond is, zie ik een jongetje, met siervuurwerk lichtjes in zijn ogen, die diepgelukkig voor het verzamelde publiek van Nederlandse expats zijn lange gekoesterde wens de lucht in schiet. We moeten het leven vieren. Met de oliebollen en champagne in de hand. Volgend jaar weer. Happy New Year!

Happy New Year

December 31, 24.00, 2017. We wish each other a happy new year. Without oliebollen, our deep-fried donutlike old year cakes. because the mix is still on the boat that is on its way to our house. It is quiet. No text messages with drunken messages. They arrived six hours ago.

I walk to the front door and look out incredulously. Dead silence. No bang, no sparking lights, no neighbor with red cheeks holding up her champagne glass to toast. Only a stray fox that stands still at the tree and stares at me. Happy New Year.

If you live abroad, you realize how Dutch you are. The whole world has fireworks on New Year’s Eve, don’t they? And neighbors wish each other a happy new year out on the street? Not in our American neighborhood. My son of 9 is heavily frustrated. He had just experienced the fun of lighting fireworks at twelve o’clock last year. “There is nothing like that!” Deep disappointment. And he cannot even call his boyfriend in the Netherlands. And I feel with him. That should be different next year.

He looks forward to it for a whole year. He tried to bring fireworks from the Netherlands taken in the suitcase during the summer. It is difficult to make clear that this is not possible. Then just look for fireworks in our neighborhood.

Hubby gets lost on the internet in the legislation concerning the fireworks. It must not move, be no higher than so many inches. It can not pop. The legislation also differs per county. For example, you can not even put out asterisks in our county. That’s another way to do it…

Three days in advance, therefore, man and child jump in the car to drive one and a half hours to a store two states away that sells real fireworks. Open all year. Hubby places the order by internet because then they do not have to wait that long. After a long study of all the videos of the fireworks on the site by the son. An hour and a half later they drive into a completely deserted car park and walk into a dead-silent shop where the salesman comes rushing. How can this company exist?

Shining with pride, son with our purchased package enters our front door. He can not finish his luck. He decides to make an hourly classification of what he wants to light. Timetables in chicken legs handwriting are put in the relevant bags with the packaging. For three days he bounces through the house talking about the little train, the smoke bombs, and the ornamental fountains.

When it is finally New Year’s Eve, I see a boy, with decorative fireworks lights in his eyes, who shoots his long-cherished wish in the air for the gathered public of Dutch expats. We have to celebrate life. Next year again. Happy New Year!

Expat koorts…

‘En waar werk jij?’, vraagt de man in de gang terloops. Ai, wat zeg je dan? Ik was ooit een-vrouw-met-een-carrière. En wat ben ik nu? Ik werk niet, maar rol toch elke avond kapot mijn bed in.

 

Toen we hoorden dat we naar Washington DC konden gaan hoefden we niet lang na te denken. Het was een langgekoesterde wens om een paar jaar in het buitenland te wonen en dit was een buitenkans. Oudste dochter was nog net jong genoeg om deze stap te kunnen zetten. Als we het nu niet doen, wanneer dan nog wel?

 

Daarbij, jarenlang was ik degene die onderweg was, terwijl mijn werkende partner thuis met onze onmisbare oppas de boel opving. Misschien was dit het moment dat de rollen omgedraaid moesten worden?

 

Alles werd in gereedheid gebracht, manlief ging drie maanden vooruit en net voor Kerst liepen we voor het eerst de drempel van ons nieuwe huis over. Ik was tamelijk uitgewoond door alle organisatie, maar vol vertrouwen.

 

De eerste weken waren wittebroodsweken. Om half vijf ’s ochtends tollend van de jetlag met zijn allen gezellig aan het ontbijt terwijl de geur van versgebakken pancakes van het fornuis komt. Om kwart voor zeven ’s ochtends door die enorme supermarkt lopen waar alles drie keer groter is dan in Nederland. De eerste schooldagen, het eerste uitje naar Washington DC. Alsof je een nieuw leven binnenstapt.

 

Maar dan als het ‘gewone’ leven zijn loop begint te nemen, begint het ook soms te schuren. School is echt anders dan in Nederland. Halverwege het jaar een klas instromen valt niet mee. De kinderen zijn anders, de taal een drempel, andere gewoontes. Vrijwel alles moet met de auto gebeuren. Het voelt soms alsof ik in een andere wereld ben gezet en de hele dag codes moet ontcijferen. En hoe pas ik daarin?

 

En toch. Af en toe krijg ik ineens de expat-koorts. Bijvoorbeeld als ik op mijn Nederlandse fiets onder een kraakheldere hemel door een groene Kathedraal van bomen naar Georgetown fiets. Of als ik met een nieuwverworven vriendin die fantastische foodhall ontdek. Of als ik een onbekend museum binnenloop met een geweldige collectie schilderijen. Dan gloeien mijn wangen en gaat mijn hart sneller slaan. Hier doe ik het voor.

 

Dat ik ondertussen mezelf opnieuw moet uitvinden, tussen frustraties van het zoeken naar werk of toch maar gaan studeren en het gegeven dat een gezin van vijf wel heel veel was produceert door, zie ik maar als een kans.

 

Als ik wakker lig ’s nachts, beloof ik mezelf te trakteren op die ene nieuwe tentoonstelling of die fijne hike. Het leven laat zich niet plannen, dus waarom zou ik er niet gewoon het beste van maken? Gewoon omdat het kan. Ontstaan niet zo de mooiste dingen? En zo sus ik mezelf weer in koortsige slaap…

 

Deze column is eerder verschenen op de site van Wereldwijven.

 

Expat-fever…

 

“And where do you work?”, asks the man in the hall in passing. Ai, what do you say? I was once a woman-with-a-career. And what am I now? I do not work, but I break my bed every night.

When we heard that we could go to Washington DC we did not have to consider it long. It was a long-cherished wish to live abroad for a few years and this was a golden opportunity. The oldest daughter was just young enough to take this step. If we do not do it now, when still?.

In addition, for years I was the one on the road, my working partner at home with our indispensable babysitter. Perhaps this was the moment when the roles had to be turned around?

Everything went in hand, hubby went three months ahead and just before Christmas we crossed for the first time the threshold of our new home. I was fairly worn out by all organizations, but confidently.

The first weeks were a honeymoon. At half-past five in the morning with the jet lag sitting at the breakfast table with the smell of freshly baked pancakes coming from the stove. At a quarter to seven in the morning strolling in that big supermarket that is all time bigger than in the Netherlands. The first school days, the first trip to Washington DC. As if you step into a new life.

But then when the ‘ordinary’ life begins to take its course, it also sometimes starts to rub. School is really different than in the Netherlands. It is not easy to join a class halfway through the year. The children are different, the language a threshold, other habits. Almost everything has to be done by car. It sometimes it feels like being put in a different world and deciphering codes all day long. And how do I fit?

Still. Occasionally I suddenly get that expat fever. When I’m cycling on my Dutch bike under a clear sky through a green cathedral of trees to Georgetown. Or when I discover a fantastic food hall with a new friend. Or as I walk into an unknown museum with a great collection of paintings. Then my cheeks glow and my heart starts beating. This is what I do it for.

That in the meantime I have to reinvent myself, between frustrations of the search for work or going to study and the fact that a family of five produces tiles of laundry, I see it as an opportunity.

When I lie awake at night, I promise to treat myself to that new exhibition of that nice walk. Life cannot be planned, so why not just make the most of it? Just because it’s possible. Isn’t that the way the most beautiful things arise? And so I suspend myself again in feverish sleep …

Bernie Sanders for President?

De rij die net nog ver om de hoek stond gaat sneller dan ik dacht. Ik prop de hotdog snel in mijn mond. Volgende keer toch maar even vooraf thuis wat eten. Iemand checkt ons bij de deur. We lopen naar tafels met daarachter vrijwilligers en stapels boeken. We noemen onze naam en krijgen vrijwel onmiddellijk onze tickets en het boek. Van Bernie Sanders. ‘Where we go from here’. Als politieke junkie ben je immers een alleseter.

 

We lopen een enorme theaterzaal in. Op het podium staat een eenzaam katheder met een felle lamp erop gericht. Er naast de Amerikaanse vlag. Verder geen opsmuk. Het publiek is divers. Veel millenials en babyboomers. We klimmen de trap op naar het bovengedeelte op zoek naar een stoel. De zaal zoemt. Bij de uitgangen staan grote politiemannen met kogelvrije vesten aan die vorsend de zaal in kijken. Het lijkt wel verkiezingstijd.

 

Precies om 19:00 uur – in D.C. begint alles altijd vroeg in de avond -, stapt de organisator van de bijeenkomst het podium op en kondigt Bernie Sanders aan. Dan loopt een oude man het podium op, gebogen rug, stevige pas, wit haar dat alle kanten uit piekt, 77 jaar oud. De zaal barst uit in gejuich en gaat staan.

 

Hij zal een uur onafgebroken praten. Hij vertelt over hoe hij besloot Clinton te gaan steunen nadat hij de voorverkiezingen van haar verloren had. En niet zozeer vanwege Clinton, maar vooral om het gevaar van de Republikeinse presidentskandidaat Trump.

‘Op haar slechtste dag zou ze nog een veel betere president geweest zijn dan Trump’.

Hij heeft duidelijk een missie. ‘Het is absoluut noodzakelijk dat Donald Trump niet herkozen wordt als president van de Verenigde Staten.’ En hij zal alles doen wat hij kan om dat te voorkomen.

 

Het is ook een bevlogen verhaal met veel retoriek, zijn vinger priemend in de lucht. ‘Drie jaar geleden was het radicaal om te zeggen dat er een klimaatagenda moest komen, nu wil 70 procent van de bevolking dat.’ Hetzelfde doet hij met thema’s als migratie, zorg en werk. Uit welke peiling dat blijkt of op welke voorwaarden dat is, noemt hij niet. Hij presenteert zich als het redelijke alternatief.

 

De verkiezingen zijn pas over twee jaar, maar vandaag zijn ze hier al begonnen. Bernie Sanders sluit niet uit dat hij zich kandidaat stelt. ‘Ik consulteer mensen in het land om te onderzoeken of ik de sterkste kandidaat ben om Trump te verslaan.’ Maar voegt wel toe dat het niet om ego draait. ‘We staan op een beslissend moment in de Amerikaanse geschiedenis en zullen allemaal samen moet werken om onze democratie, de middenklasse, de planeet en onze kinderen te beschermen.’ Applaus klinkt.

 

Toch zal dat nog niet vanzelfsprekend zijn. Nu de verkiezingsuitslagen zijn geanalyseerd blijkt dat met name die Democratische kandidaten hebben gewonnen die gematigd waren. En dat is Sanders niet. Wie wel is de grote vraag. Misschien is niet zo zeer Trump een bedreiging, maar veel meer het gebrek aan echt leiderschap bij de Democraten aan de ene kant en redelijke Republikeinen aan de andere kant.

 

Maar voor het publiek is het geen vraag. Sanders is hun man. Als groupies verzamelen ze zich na afloop rond het podium in de hoop een handtekening te krijgen in het boek. Maar helaas, na wat handdrukken loopt Sanders om half negen het podium weer af. En deze politieke junkie haast zich door de gure wind naar de warme metro. De verkiezingsstrijd is begonnen.

 

Bernie Sanders for President?

The line that was just around the corner is going faster than I thought. I quickly stuff the hotdog into my mouth. Next time better eat something at home before I leave. Someone checks us in at the door. We walk to tables with volunteers and stacks of books behind them. We call our name and almost immediately get our tickets and the book. Of Bernie Sanders. ‘Where we go from here’. After all, as a political junkie, you are an omnivore.

We enter a huge theater hall. A lonely lectern with a bright lamp is aimed at the stage. There next to the American flag. No further frills. The public is diverse. Many millennials and baby boomers. We climb up the stairs to the upper part in search of a chair. The room buzzes. Near the exits are large policemen with bulletproof vests that look into the hall. It seems like election time.

Exactly at 19:00 – in D.C. everything always starts early in the evening – the organizer of the meeting gets on stage and announces Bernie Sanders. An old man walks up the stage, bent back, firm step, white hair peaking all the way, 77 years old. The hall bursts out in cheers and stands.

He will talk uninterrupted for an hour. He talks about how he decided to support Hillary Clinton after he had lost the primaries. And not so much because of Clinton, but especially because of the danger of the Republican presidential candidate Trump. “On her worst day, she would have been a much better president than Trump.” He clearly has a mission. “It is absolutely imperative that Donald Trump is not re-elected as president of the United States.” And he will do everything he can to prevent it.

It is also a passionate story with a lot of rhetoric, piercing his finger in the air. “Three years ago it was radical to say that a climate agenda should be put in place, now 70 percent of the population wants it.” He does the same with themes such as migration, health care, and work. He does not refer to which poll or on what conditions it is. He presents himself as the reasonable alternative.

The elections are only in two years, but today they have already started here. Bernie Sanders does not exclude that he is a candidate. “I consult people in the country to investigate whether I am the strongest candidate to beat Trump.” But does add that it is not about ego. “We are at a decisive moment in American history and will all have to work together to protect our democracy, protect the middle class, protect the planet, and protect our children.” Applause sounds.

Yet that will not be taken for granted. Now that the election results have been analyzed, it appears that in particular, those Democratic candidates have won that were moderate. And that’s not Sanders. Who, is the big question. Maybe Trump is not a threat, but much more the lack of real leadership among the Democrats on the one hand and reasonable Republicans on the other.

But that’s no question for the public. Sanders is their man. As groupies, they gather around the stage afterwards in the hope of getting a signature in their book. But unfortunately, after some handshakes, Sanders walks off the stage again at half past nine. And this political junkie starts rushing to the warm metro because of the bleak wind. The election battle has begun.